V-N Vandaag 2026/643
Terechte IB-navordering bij schroothandelaar (art. 81 Wet RO)
HR 02-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:557
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 april 2026
- Zaaknummer
24/01375
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Aangifte
Fiscaal procesrecht / Procesorde
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:557, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑04‑2026
- Wetingang
Art. 8:42 Awb
Essentie
Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de bewijslast wordt omgekeerd en verzwaard wegens het niet in de IB-aangiften verantwoorden van zowel relatief als absoluut aanzienlijke bedragen aan inkomen uit aanmerkelijk belang. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).
Samenvatting
X woont met zijn partner in een vrijstaande woning met paardenstallen. X is handelaar in oude metalen. De activiteiten lopen achtereenvolgens via twee BV’s, waarvan de eerste inmiddels is ontbonden en de tweede failliet is gegaan. Op de bedrijfslocatie staat een geautomatiseerde weegbrug om het gewicht van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.