NJFS 2015/161
Geen sprake van te weinig of achtergehouden informatie bij vordering machtiging opnemen vertrouwelijke informatie.
Rb. Oost-Brabant 13-05-2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:2814
- Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
- Datum
13 mei 2015
- Magistraten
Mrs. M.M. Klinkenbijl, J.W.H. Renneberg, H.H.E. Boomgaart
- Zaaknummer
01/879097-13
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
Privacy / Verwerking persoonsgegevens
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBOBR:2015:2814, Uitspraak, Rechtbank Oost-Brabant, 13‑05‑2015
- Wetingang
Art. 126l Sv
Essentie
Opnemen vertrouwelijke informatie. Gelet op de aard en ernst van het misdrijf en de aan de vorderingen ten grondslag liggende informatie kon de rechter-commissaris in alle redelijkheid tot afgifte van machtigingen tot het opnemen van vertrouwelijke communicatie overgaan. Uit de wet volgt niet dat de rechter-commissaris bij de toetsing van die vordering over alle opsporingsresultaten dient te beschikken en dat dit expliciet uit de vordering moet blijken. Dat sprake zou zijn geweest van selectieve informatieverstrekking dan wel van doelbewust achterhouden van ontlastende informatie aan de rechter-commissaris is niet gebleken.
Partij(en)
Vonnis van de Rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.