Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/1.2
1.2 Forumkeuze in de praktijk
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS415681:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Het gaat om een exceptie van onbevoegdheid die voor of bij het eerste verweer moet worden opgeworpen ('op straffe' van bevoegdheid wegens stilzwijgende forumkeuze ex art. 24 EEX-V°/18 Verdrag). Partijen zullen na het antwoord op de prejudiciële vraag elders moeten dagvaarden of verder procederen zonder dat gedurende enige jaren een inhoudelijk debat heeft plaatsgevonden. Een procedure bij het Hof van Justitie over een prejudiciële vraag neemt thans al gauw twee jaren in beslag. In de regel zullen partijen dus over zulke 'technische' problemen niet graag in meerdere instanties procederen en enige vasthoudendheid kan aan de partijen (en hun advocaten) die het brengen tot het Hof van Justitie voor een discussie uitsluitend over bevoegdheid, dan ook niet ontzegd worden. Het meeste belang zal in de regel de verweerder hebben die een debat over de zaak ten gronde liever uitstelt.
Par. 6.4.
Van Houtte/Pertegás Sender, Het nieuwe Europese 1PR, p. 36.
HvJ EG 20 februari 1997, zaak C-106/95, MSG/Les Gravières, Jur. 1997, p. 1-911, NJ 1998, 565; HvJ EG 3 juli 1997, zaak C-296/95, Benincasa/Dentalkit, Jur. 1997, p. 1-3788, NJ 1999, 681; HvJ EG 16 maart 1999, zaak C-159/97, Castelletti/Trumpy, Jur. 1999, p. 1-1597, NJ 2001, 116; HvJ EG 9 november 2000, zaak C-387/98, Coreck Maritime/Handelsveem, Jur. 2000, p. 1-9337, NJ 2001, 599; HvJ EG 9 december 2003, zaak C-116/02, Gasser/MISAT, Jur. 2003, p. 1-14693, NJ 2007, 151; HvJ EG 12 mei 2005, zaak C-112103, SFIP/AXA Belgium e.a., Jur. 2005, p. 1-3707, NJ 2006, 513.
HvJ EG 20 februari 1997, zaak C-106/95, MSG/Les Gravières, Jur. 1997, p. 1-911, NJ 1998, 565.
HvJ EG 16 maart 1999, zaak C-159/97, Castellettiffrumpy, Jur. 1999, p. 1-1597, NJ 2001, 116.
HvJ EG 12 mei 2005, zaak C-112/03, SFIP/AXA Belgium e.a., Jur. 2005, p. 1-3707, NJ 2006, 513 heeft betrekking op de forumkeuze in verzekeringsovereenkomsten en met name de uitleg van art. lid 3 EEX. Dit arrest en HvJ EG 9 december 2003, zaak C-116/02, Gasser/MISAT, Jur. 2003, p. 1-14693, NJ 2007, 151 hebben betrekking op het EEX na toetreding door Oostenrijk, Finland en Zweden.
Kramer, NTHR 2006, p. 166.
In de jaren 1995-1998 zijn circa 12 uitspraken van Nederlandse gerechten per jaar gepubliceerd; in 1999 18 uitspraken en in de periode 2000-2003 circa 20 uitspraken per jaar.
Zie het kopje in NIPR 'forumkeuze in standaardvoorwaarden' en de in NIPR gepubliceerde uitspraken; alsmede Hensen, TVVS 1989, p. 247.
Naleving van de vormvereisten van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag moet streng worden gescheiden van de vraag of de algemene voorwaarden van toepassing zijn; zie par. 13.11.2. en Van Wechem, Toepasselijkheid van algemene voorwaarden, p. 107.
Het Hof van Justitie heeft inmiddels veel arresten gewezen over de uitleg van de art. 17 en 18 EEX en daarmee indirect over de art. 23 en 24 EEX-V° en 17 en 18 EVEX. In de praktijk speelt forumkeuze dus een belangrijke rol. Deze stroom jurisprudentie van het Hof van Justitie over forumkeuze1 zou op twee wijzen kunnen worden verklaard: vanuit een kwalitatieve en vanuit een kwantitatieve benadering.
Met kwalitatieve benadering bedoel ik dat de art. 17 en 18 EEX van zo'n slechte kwaliteit zijn, dat veel uitleg door de gemeenschapsrechter nodig is. De art. 17 en 18 EEX zijn met andere woorden onduidelijk en dwingen de rechter tot uitleg daarvan. De 'slechte kwaliteit' van de art. 17 en 18 EEX en de daaruit voortvloeiende onduidelijkheid kan dus een verklaring zijn voor het grote aantal arresten van het Hof van Justitie. Met de kwantitatieve benadering bedoel ik dat partijen veel procederen over forumkeuze en dat in de jurisprudentie een evenredig groot gedeelte wordt gepubliceerd.
In de kwalitatieve benadering zou allereerst kunnen worden gewezen op de vele inhoudelijke wijzigingen van art. 17 EEX door de Toetredingsverdragen. Art. 17 EEX wijkt bovendien, op aandringen van de EVA lidstaten, enigszins af van art. 17 EVEX. Voorts is ook art. 23 EEX-V° gewijzigd ten opzichte van art. 17 EEX.2 Deze wijzigingen kunnen op hun beurt mede aanleiding zijn geweest tot de stroom jurisprudentie. De rechtspraak over art. 17 EEX blijft echter zijn belang houden voor art. 23 EEX-V°.3 De hoeveelheid rechtspraak over deze bepaling zou daarom niet substantieel mogen zijn en vooral betrekking moeten hebben op de wijzigingen. Bijna iedere nieuwe tekst of gewijzigde regel lokt immers jurisprudentie uit over de interpretatie. Dat lijkt voor art. 17 EEX echter niet het geval, omdat alle arresten van het Hof van Justitie in de periode 1976-1992 betrekking hadden op de versie van het EEX vóór wijziging door de Toetredingsverdragen of op niet gewijzigde of toegevoegde bepalingen. Daarna (1992 - 2005) heeft het Hof van Justitie nog zes arresten gewezen.4 De eerste drie arresten hebben betrekking op de uitleg van art. 17 EEX, gewijzigd door het Eerste Toetredingsverdrag (1978). Alleen de arresten MSG/Les Gravières5 en Castelletti/Trumpy6 hebben (mede) betrekking op de uitleg van de door het Eerste Toetredingsverdrag gewijzigde tekst. De overige arresten gaan weliswaar (mede) over art. 17 EEX, zoals gewijzigd door het Eerste en Derde Toetredingsverdrag, maar hebben geen betrekking op de wijzigingen van art. 17 EEX door het Eerste of Derde Toetredingsverdrag.7 De wijzigingen van art. 17 EEX zijn derhalve niet een belangrijke reden voor de vele arresten van het Hof van Justitie.
Aldus resteert de verklaring dat art. 17 EEX van meet af aan onduidelijk is geweest en gebleven en zich voor verschillende interpretaties leent. Het is wellicht vanuit wetgevend perspectief door de onduidelijkheid een kwalitatief slecht artikel. In dit boek zal ik trachten inzicht te verschaffen in de inhoud van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag met inbegrip van de gewijzigde versies.
De onduidelijkheid van de bepaling behoeft echter niet de enige reden te zijn voor de grote hoeveelheid jurisprudentie. Ook de kwantitatieve benadering kan het grote aantal arresten van het Hof van Justitie verklaren, omdat in de rechtspraktijk forumkeuzen vaak worden overeengekomen.8 Bijna alle algemene voorwaarden bevatten een forumkeuze. In deze benadering is art. 23 EEX-V°/17 Verdrag voldoende duidelijk, maar komen partijen forumkeuze veelvuldig overeen en/of geeft een (beweerde) forumkeuze zelf tot interpretatiegeschillen aanleiding. Ook in NIPR neemt het aantal gerechtelijke uitspraken over forumkeuze toe,9 zodat ofwel ook in de lagere rechtspraak meer over forumkeuze wordt geprocedeerd, dan wel de redactie van NIPR heeft besloten om meer uitspraken over forumkeuze te publiceren (of een combinatie van beide). Dit verdient wel een kanttekening. De omvang van NIPR neemt immers ook toe, zodat op voorhand niet de conclusie mag worden getrokken dat het aantal gerechtelijke uitspraken over forumkeuze meer dan relatief toeneemt. Wel blijkt daaruit dat het aantal gepubliceerde uitspraken over forumkeuze absoluut toeneemt. Voor forumkeuze in algemene voorwaarden hebben de redacteuren van NIPR in de index zelfs een apart kopje opgenomen. Deze stroom gepubliceerde jurisprudentie over forumkeuze is eveneens een reden om de regels over forumkeuze te bespreken.
In de meerderheid van de gepubliceerde rechtspraak over forumkeuze gaat het geschil over de (toepassing van) vormvoorschriften die gelden voor forumkeuze en de vereiste wilsovereenstemming. Forumkeuze lijkt in de praktijk veel voor te komen, maar de naleving van de vormvoorschriften laat vaak te wensen over. Het opnemen van een forumkeuze in algemene voorwaarden is vaste praktijk (geworden), maar de praktijk worstelt met de rechtsgeldigheid van forumkeuze in algemene voorwaarden.10 Als gevolg daarvan is een discussie ontstaan over de naleving van de vormvoorschriften van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag en art. 8 Rv, die de aanwezigheid van wilsovereenstemming betreffende de forumkeuze zouden moeten waarborgen. Daar doorheen speelt tevens vaak een geschil over toepasselijkheid van algemene voorwaarden (waarin de forumkeuze is opgenomen) op de overeenkomst.11