Gst. 2022/63
De wezenlijke kenmerken van een activiteit en inrichting bepalen of een activiteit in een inrichting kan worden aangemerkt als vermakelijkheid. Niet voldoende is dat de consument bij die activiteit amusement, verstrooiing, ontspanning of vermaak zoekt, ondergaat, vindt, pleegt te vinden of kan vinden.
HR 24-12-2021, ECLI:NL:HR:2021:1846, m.nt. J.C. Scherff
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 december 2021
- Magistraten
Mrs. R.J. Koopman, J. Wortel, A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, M.T. Boerlage en P.A.G.M. Cools
- Zaaknummer
20/03886
- Conclusie
R.L.H. IJzerman
- Noot
J.C. Scherff
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS651972:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Gemeentelijke belastingen
Staatsrecht / Decentralisatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1846, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑12‑2021
Conclusie, Hoge Raad, 26‑10‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 08‑01‑2021
- Wetingang
(Art. 229 lid 1 Gemeentewet)
Essentie
De wezenlijke kenmerken van een activiteit en inrichting bepalen of een activiteit in een inrichting kan worden aangemerkt als vermakelijkheid. Niet voldoende is dat de consument bij die activiteit amusement, verstrooiing, ontspanning of vermaak zoekt, ondergaat, vindt, pleegt te vinden of kan vinden.
Samenvatting
Met de heffingsverordening is bedoeld om de gehele Beverwijkse Bazaar in de heffing te betrekken als een vermakelijkheid. Volgens de rechtbank kan dat. Het hof kijkt echter naar het hoofdkenmerk van de Bazaar, het bieden van gelegenheid om te winkelen en voedsel te nuttigen. De bijkomende activiteiten van de Bazaar – en de huurders – maken ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.