Levering en verpanding van toekomstige goederen
Einde inhoudsopgave
Levering en verpanding (O&R nr. 90) 2016/6.7.1:6.7.1 Inleiding
Levering en verpanding (O&R nr. 90) 2016/6.7.1
6.7.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. B.A. Schuijling, datum 28-01-2016
- Datum
28-01-2016
- Auteur
mr. B.A. Schuijling
- JCDI
JCDI:ADS479313:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
271. De prioriteitsregel vindt geen toepassing in de samenloop met een insolventieprocedure ten aanzien van de vervreemder. De bijzondere aard van deze procedures brengt mee dat indien het bij voorbaat geleverde goed gedurende een dergelijke procedure wordt verkregen door de vervreemder, het goed in de boedel valt en de verkrijger-bij-voorbaat op dat goed geen rechten kan verwerven die hij aan de boedel kan tegenwerpen. Deze uitzondering wordt voor faillissement thans tot uitdrukking gebracht in art. 35 lid 2 Fw. Zij komt aan bod in § 6.7.2. Aan het prevaleren van de surseance van betaling en de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen wordt aandacht besteed in § 6.7.3. Vervolgens is § 6.7.4 gewijd aan de mogelijkheden waaronder een levering bij voorbaat, buiten een geval van derdenbescherming, toch tot een overdracht of bezwaring kan leiden doordat de curator of bewindvoerder daarmee instemt. Is het bij voorbaat geleverde goed niet tijdens, maar in het zicht van een faillietverklaring door de vervreemder verworven en heeft zij tot overdracht of bezwaring geleid, dan rijst de vraag of de curator het effect van deze levering bij voorbaat ongedaan kan maken met een beroep op de actio Pauliana. De mogelijkheden daartoe worden besproken in § 6.7.5.