Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW
Einde inhoudsopgave
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/4.9.5:4.9.5 Sancties bij ontoereikende 403-verklaring
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/4.9.5
4.9.5 Sancties bij ontoereikende 403-verklaring
Documentgegevens:
mr. dr. J. van der Kraan, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
mr. dr. J. van der Kraan
- JCDI
JCDI:ADS648932:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een meer uitgebreide beschouwing hiervan en enkele redmiddelen die bestuurders ten dienste kunnen staan: Van der Kraan 2017, p. 322-326.
Voor een uitgebreider overzicht van de risico’s die bestaan bij het niet voldoen aan de jaarrekeningenplicht, zie paragraaf 2.5.
Zie een artikel dat ik daaraan heb gewijd: Van der Kraan 2017, p. 322-326.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer een 403-verklaring niet voldoet aan de vereisten van artikel 2:403 lid 1 sub f BW en de vrijstelling van artikel 2:403 wel wordt toegepast, wordt ten onechte geen volledige jaarrekening opgesteld en gepubliceerd.
Wanneer geen jaarrekening wordt gepubliceerd die voldoet aan de vereisten van titel 2.9 BW terwijl daar geen vrijstelling voor is verkregen, loopt niet alleen de entiteit die niet aan de jaarrekeningenplicht voldoet een risico. Bestuurders, feitelijk beleidsbepalers en commissarissen lopen eveneens gevaar. Het risico bestaat dat zij persoonlijk aansprakelijk zijn onder andere wegens een onbehoorlijke taakvervulling.1 Voorts bestaat het risico van strafrechtelijke aansprakelijkheid ten aanzien van zowel de bestuurders als ten aanzien van de vennootschap, zie artikel 1 sub 4 Wet economische delicten jo. artikel 2:394 BW jo. artikel 51 Wetboek van strafrecht. Daarnaast loopt de vennootschap het risico dat er een jaarrekeningenprocedure wordt gestart bij de Ondernemingskamer.2
Tot slot zij nog vermeld dat het niet hebben voldaan aan de jaarrekeningenplicht een obstakel kan vormen wanneer het voornemen bestaat om een aandelentransactie te laten plaatsvinden. Bij een voorgenomen transactie zal in de regel een due dilligence-onderzoek worden uitgevoerd, waarbij manco’s ten aanzien van de jaarrekeningenplicht aan het licht zullen komen en er melding zal worden gemaakt van de daarmee samenhangende risico’s.
Wanneer de termijn voor het deponeren van een jaarrekening eenmaal is verstreken, kan dit in principe niet meer worden hersteld. Er kan hooguit nog wat aan damage control worden gedaan door alsnog de jaarrekening te deponeren. De vrijstelling van artikel 2:403 BW ‘met terugwerkende kracht’ toepassen, biedt geen soelaas.3