IER 2013/29
Rintisch/Eder
HvJ EU 25-10-2012, ECLI:EU:C:2012:671, m.nt. F.W.E. Eijsvogels (Rintisch/Eder)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
25 oktober 2012
- Magistraten
(R. Silva de Lapuerta, K. Lenaerts (rapporteur), E. Juhász, T. von Danwitz en D. Šváby)
- Zaaknummer
C-553/11
- Conclusie
(advocaat-generaal: V. Trstenjak)
- Noot
F.W.E. Eijsvogels
- LJN
BY2182
- Roepnaam
Rintisch/Eder
- JCDI
JCDI:ADS914027:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Modellen- en merkenrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2012:671, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 25‑10‑2012
- Wetingang
(Art. 10 lid 1 en 2 sub a Richtlijn 89/104/EEG)
Essentie
Rintisch/Eder
Samenvatting
Merken – Richtlijn 89/104/EEG – art. 10 lid 1 en 2 sub a – Normaal gebruik – Gebruik van merk in vorm die zelf als merk is ingeschreven en die op onderdelen afwijkt zonder dat onderscheidend vermogen van merk wordt gewijzigd – Werking van arrest in tijd.
Partij(en)
betreffende een verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door het Bundesgerichtshof (Duitsland) bij beslissing van 17 augustus 2011, ingekomen bij het Hof op 2 november 2011, in de procedure
Bernhard Rintisch
tegen
Klaus Eder
Uitspraak
1.
Het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.