NJ 1925, p. 1270
Vordering tot ontbinding eener overeenkomst met schadevergoeding. Waarde der vordering (art. 54 R. O.).
HR 29-10-1925, ECLI:NL:HR:1925:6
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
29 oktober 1925
- Magistraten
Mrs. Jhr. de Savornin Lohman, Savelberg, Jhr. Feith, van den Dries en Kirberger.
- Zaaknummer
[291925/NJ_1925,_p._1270]
- Conclusie
Mr. Tak
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1925:6, Uitspraak, Hoge Raad, 29‑10‑1925
- Wetingang
(RO art. 54)
Essentie
Vordering tot ontbinding eener overeenkomst met schadevergoeding. Waarde der vordering (art. 54 R. O.).
Samenvatting
De waarde der vordering in het bedrag, waarop de eischer het belang bij het instellen der vordering zelf schat door aan zijn vordering tot ontbinding een vordering tot schadevergoeding tot een bepaald bedrag te verbinden; het beloop der laatste strekt tevens tot bepaling van de waarde der eerste.
Partij(en)
E. van Geemen, broodbakker, wonende te Diemen, eischer tot cassatie van een arrest, door het Gerechtshof te Amsterdam op 16 December 1924 tusschen partijen gewezen, advocaat Mr. H. A. G. Venema,
tegen:
de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.