Einde inhoudsopgave
RvdW 2013/905
Gewetensbezwaren geen herzieningsgrond veroordeling dienstweigeraars Nederlands-Indië.
HR 25-06-2013, ECLI:NL:HR:2013:73
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
25 juni 2013
- Magistraten
Mrs. A.J.A. van Dorst, J.P. Balkema, J.W. Ilsink, N. Jörg, V. van den Brink
- Zaaknummer
13/00067 H
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Staatsrecht / Grondrechten
Bijzonder strafrecht / Militair strafrecht en strafprocesrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2013:73, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 25‑06‑2013
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑12‑2012
- Wetingang
Art. 457 lid 1 onder c Sv; Wet betreffende dienstweigering (Stb. 1923, 357)
Essentie
Herziening verzocht op grond van gewetensbezwaren veroordeelde dienstweigeraars Nederlands-Indië.
1. Uit de ten tijde van de berechting van L. van kracht zijnde Wet Stb. 1923, 357 betreffende dienstweigering, met een uitputtende regeling voor erkenning van gewetensbezwaren, moet worden afgeleid dat de wetgever destijds slechts heeft willen weten van gewetensbezwaren van de militair die voortvloeien uit ‘zijn overtuiging dat hij den evenmensch niet mag dooden’. Dat brengt mee dat geen plaats meer is voor andere gewetensbezwaren als strafuitsluitingsgrond, zoals de Hoge Raad nadien aangaande de Wet gewetensbezwaren militaire dienst (Stb. 1962, 370) en in overeenstemming met eerdere rechtspraak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.