V-N 2025/21.12
Verzetrechter moet stelling of beroep welke wegens niet-tijdig beslissen onredelijk laat is ingediend behandelen
HR 02-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:711, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 mei 2025
- Magistraten
Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Van Roij, Borman
- Zaaknummer
23/02737
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD10399:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht (V)
Fiscaal procesrecht / Procesorde
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑05‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑05‑2025
ECLI:NL:HR:2025:711, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1256, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat in een verzetsprocedure nieuwe argumenten naar voren kunnen worden gebracht die ook nog hadden kunnen worden aangevoerd bij een normale behandeling van de zaak. Er had niet in het midden gelaten mogen worden of de beroepschriften onredelijk laat waren ingediend.
Samenvatting
Aan X zijn twee naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd. Het bezwaar van X is bij uitspraak op bezwaar in eerste instantie niet-ontvankelijk verklaard. In beroep haalt de heffingsambtenaar bakzeil door te stellen dat het bezwaar toch ontvankelijk was en dat de uitspraak op bezwaar dus niet kan worden gehandhaafd. Het beroep wordt daarom kennelijk ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.