De notaris en gelijk oversteken
Einde inhoudsopgave
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/1.2.2:1.2.2 Afbakening
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/1.2.2
1.2.2 Afbakening
Documentgegevens:
mr. T.J. Bos, datum 01-05-2023
- Datum
01-05-2023
- Auteur
mr. T.J. Bos
- JCDI
JCDI:ADS941631:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een overzicht van de transacties waarbij de tussenkomst van de notaris wettelijk is voorgeschreven (de zogenaamde domeinmonopolies): A. Hammerstein e.a., Het beste van twee werelden (Evaluatie Wet op het notarisambt), 2005, p. 117 e.v.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De eerste alinea van de vorige paragraaf staat kort stil bij de transacties die binnen het bereik van dit onderzoek vallen. Deze paragraaf bespreekt het toepassingsbereik van dit onderzoek uitgebreider. Ten eerste moet worden stilgestaan bij de term ‘transactie’. Hiermee wordt voornamelijk tot uitdrukking gebracht dat het moet gaan om een afspraak waarbij (a) ten minste twee partijen verbintenissen jegens elkaar in het leven roepen, en waarbij (b) sprake is van een ruilkarakter tussen het voorwerp (de prestatie) van elk der verbintenissen. Dit is niet alleen de wederkerige overeenkomst als in artikel 6:261 lid 1 BW (“een overeenkomst waarbij elk van beide partijen een verbintenis op zich neemt ter verkrijging van de prestatie waartoe de wederpartij zich daartegenover jegens haar verbindt”), maar ook hetgeen niet onder de noemer van lid 1 maar wél onder de noemer van lid 2 (“andere rechtsbetrekkingen die strekken tot het wederzijds verrichten van prestaties”) valt. Dit onderzoek richt zich alleen op transacties waarbij de prestatie en de wederprestatie bestaan uit het beschikken over rechtsobjecten zijnde goederen, schulden en/of rechtsverhoudingen.
Ten tweede is van belang dat mijn onderzoek focust op transacties met een notariële component. Aan veel transacties komt geen notaris te pas, zoals het opstellen van een overeenkomst strekkende tot (ver)koop van roerende zaken of het nakomen van de daaruit voortvloeiende betalings- of leveringsverplichting. Dergelijke transacties vallen derhalve buiten het bestek van dit boek. In plaats daarvan richt dit onderzoek zich op transacties (a) waarbij de tussenkomst van de notaris wettelijk is voorgeschreven,1 of (b) waarbij de tussenkomst van de notaris weliswaar niet wettelijk is voorgeschreven, maar in de regel wél plaatsvindt. Bij de eerste categorie moet voornamelijk worden gedacht aan het beschikken over registergoederen en aandelen in vennootschappen, maar ook bijvoorbeeld het passeren van een akte van afsplitsing. Bij de tweede categorie moet men vooral denken aan activa/passiva-transacties (waarbij moet worden opgemerkt dat registergoederen en aandelen ook kwalificeren als ‘activa’ en derhalve onderdeel kunnen uitmaken van een dergelijke transactie), in het kader van bijvoorbeeld de overname van een onderneming. Via laatstgenoemde categorie komt ook het beschikken over bijvoorbeeld roerende zaken binnen het bereik van dit onderzoek te liggen, maar dan slechts in de context van een activa/passiva-transactie. Ook minder vaak voorkomende rechtsfiguren, zoals het beschikken over intellectuele eigendomsrechten, en schuld- en contractsoverneming, vallen hierdoor onder het toepassingsbereik van dit onderzoek. De term die ik hierna bezig voor de transacties onder a en b tezamen, luidt ‘notariële transacties’. Toch ligt de nadruk bij dit onderzoek op transacties waarbij de tussenkomst van de notaris wettelijk verplicht is. Het voorbeeld dat (in ieder geval) in dit hoofdstuk wordt gebruikt (tenzij anders vermeld) is de (ver)koop en levering van een registergoed, waarbij geen hypotheekrecht ten laste van de verkoper is gevestigd en ook de koper geen hypotheekrecht dient te vestigen. Dit voorbeeld is conceptueel gezien het eenvoudigst te volgen, hetgeen de voorkeur verdient vanwege het inleidende karakter van dit hoofdstuk. Bovendien geldt dat andere transacties – zoals het vestigen, overdragen, en afstand doen van een beperkt recht – mutatis mutandis dezelfde dynamiek kennen. Zoals de koper slechts de koopsom uit handen wil geven indien hij de gekochte zaak verwerft, zal ook een financier slechts de uitgeleende geldsom uit handen willen geven indien op de desbetreffende zaak daadwerkelijk een zekerheidsrecht ten gunste van hem wordt gevestigd.