AB 2022/6
Onderdelentrechter. Toepassing onderdelentrechter bij beroep door niet-belanghebbenden.
ABRvS 21-07-2021, ECLI:NL:RVS:2021:1604, m.nt. A. Stoetman en K.J. de Graaf
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
21 juli 2021
- Magistraten
Mr. J. Hoekstra
- Zaaknummer
202005151/1/R4
- Noot
A. Stoetman en K.J. de Graaf
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS626231:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Bestuursrecht algemeen / Voorbereiding
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2021:1604, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 21‑07‑2021
- Wetingang
Essentie
Consequenties Varkens in Nood-arrest. Analoge toepassing art. 6:13 Awb in beroep tegen een onderdeel van een bestemmingsplan waarbij appellant niet belanghebbend is en waartegen hij (niet verschoonbaar) geen zienswijze inbracht.
Samenvatting
In deze zaak heeft appellant weliswaar een zienswijze over het ontwerpbesluit ingediend, maar die zienswijze richt zich alleen tegen het plandeel Haaften en richt zich niet tegen het plandeel Est. Daarbij heeft appellant niet gesteld dat het niet inbrengen van een zienswijze over het plandeel Est hem niet kan worden verweten. Appellant heeft zich zodoende pas in beroep gericht tegen het plandeel Est, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.