NJ 1915, p. 1253
Opgave van een valschen naam in een contract en onderteekening met dien valschen naam van het contract.
Rb. Amsterdam 21-05-1915, ECLI:NL:RBAMS:1915:85
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
21 mei 1915
- Magistraten
Voorzitter: Mr. L. Offerhaus Jz. Rechters: Mrs. J. Th. F. Telting en B. M. Taverne.
- Zaaknummer
[21051915/NJ_1915,_p._1253]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:1915:85, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 21‑05‑1915
- Wetingang
(Sr art. 225.)
Essentie
Opgave van een valschen naam in een contract en onderteekening met dien valschen naam van het contract.
Samenvatting
In de dagvaarding wordt de ten laste gelegde valschheid kennelijk gezocht in de door den beklaagde ten aanzien van de overeenkomst verrichte handeling nl. het onderteekenen met den naam „Jac. cremer", terwijl hij ook in de overeenkomst met den naam cremer was aangeduid, hoewel hij inderdaad heette R.
In de gegeven omstandigheden kan de door beklaagde gestelde handteekening niet gezegd worden valsch te zijn in dien zin, dat hij de bij dagvaarding omschreven overeenkomst valschelijk heeft onderteekend, dus valschelijk heeft ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.