V-N 2025/36.24
Terechte fiscale strafvervolging na spontaan door Duitsland verstrekte inlichtingen
HR 01-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1033, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 juli 2025
- Magistraten
Borgers, Van Eijsden, Van Strien
- Zaaknummer
24/01532
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD22539:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Informatieverplichting
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Internationaal belastingrecht / Inlichtingenuitwisseling en wederzijdse bijstand
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Fiscaal strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1033, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:257, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat X kan worden vervolgd voor het niet voldoen aan een informatieverzoek over zijn buitenlandse vermogen. Er is geen sprake van ‘gebruik’ van de Duitse gegevens ‘voor de(ze) strafprocedure’. De strafrechtelijke vervolging ziet louter op het niet voldoen aan het informatieverzoek.
Samenvatting
In 2016 ontvangt de Belastingdienst een spontane e-mail met een Excelbestand van de Duitse autoriteiten over vermoedelijk Nederlandse rekeninghouders van de Banque et Caisse d’Epargne et dé l’Etat (BCEE) in Luxemburg. Uitwisseling van gegevens tussen Duitsland en Nederland is volgens de e-mail mogelijk op grond van de EU-bijstandsrichtlijn (2011/16/EU) en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.