Aanvullen van subjectieve rechten
Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/6.8:6.8 Samenvatting
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/6.8
6.8 Samenvatting
Documentgegevens:
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS300443:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
252. Het aanvullen van subjectieve rechten gebeurt door aan deze rechten extra juridische posities toe te voegen die er geen onderdeel van uit gaan maken. Of juridische posities onderdeel worden van een bestaand subjectief recht of (samen met andere juridische posities) een zelfstandig subjectief recht vormen dat het bestaande subjectieve recht aanvult, is afhankelijk van de inhoud van deze juridische posities. Juridische posities die betrekking hebben op hetzelfde rechtsobject en dezelfde wederpartij als het subjectieve recht waar ze aan worden toegevoegd, worden een onderdeel van dat bestaande subjectieve recht. Ze vallen daardoor onder de ‘perimeter of protection’ van het bestaande subjectieve recht en gaan automatisch mee over als het wordt overgedragen. Als de juridische posities betrekking hebben op een andere wederpartij dan het bestaande subjectieve recht (afgezien van diens ‘perimeter of protection’), dan vormen ze een zelfstandig subjectief recht. Hetzelfde geldt indien de toegevoegde posities zien op een rechtsobject waar het bestaande subjectieve recht niet op ziet. In zulke gevallen hebben beide subjectieve rechten een eigen ‘perimeter of protection’. Om ze aan elkaar te verbinden is dan een juridisch mechanisme nodig.
253. Er bestaan drie mechanismen om subjectieve rechten aan te vullen, afhankelijk van of het de overheid, partijen, of beide gezamenlijk zijn die voor de aanvulling van het subjectieve recht zorgen. Het eerste mechanisme houdt in dat de overheid juridische posities toedeelt die samenhangen met een subjectief recht, door te bepalen dat eenieder die dat specifieke subjectieve recht heeft (onder bepaalde voorwaarden) bepaalde juridische posities in kan roepen. De overheid zal dit doen om de maatschappelijke welvaart te proberen te verhogen. Het tweede mechanisme bestaat erin dat partijen elkaar juridische posities verschaffen die samenhangen met een subjectief recht, door te bepalen dat eenieder die dat specifieke subjectieve recht heeft (onder bepaalde voorwaarden) bepaalde juridische posities in kan roepen. Partijen zullen dit doen om hun eigen welvaart te verhogen; zij zullen er dus (door elkaar te compenseren) allemaal op vooruit gaan. Het derde mechanisme vormt een mengvorm van de eerste twee. Het houdt in dat de overheid bepaalt dat bepaalde door partijen verschafte juridische posities automatisch overgaan op de verkrijger van het subjectieve recht waar deze juridische posities mee samenhangen. De overheid stelt daarvoor een regel op die de juridische posities aanwijst die over dienen te gaan bij overgang van het subjectieve recht. Dat is ingewikkelder dan het simpelweg omschrijven van het subjectieve recht dat dient te worden aangevuld (zoals bij de andere twee mechanismen het geval is). Van de formulering van deze regel is afhankelijk of een juridische positie al dan niet mee over gaat.