Ambtshalve toepassing van EU-recht
Einde inhoudsopgave
Ambtshalve toepassing van EU-recht (BPP nr. XIV) 2012/5.3.1.3:5.3.1.3 De balans
Ambtshalve toepassing van EU-recht (BPP nr. XIV) 2012/5.3.1.3
5.3.1.3 De balans
Documentgegevens:
Mr. A.G.F. Ancery, datum 01-08-2012
- Datum
01-08-2012
- Auteur
Mr. A.G.F. Ancery
- JCDI
JCDI:ADS298618:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
184.
Het beeld tot dusver is als volgt. Er is een flink aantal EU-richtlijnen dat tot doel heeft om de consument te voorzien van een bijzondere bescherming. Als die bescherming door de consument moet worden ingeroepen, bestaat de niet te verwaarlozen kans dat deze bescherming niet zal worden geëffectueerd. Dat hangt samen met de passiviteit van de consument, voortkomend uit twee typisch aan de consument, van het type zoals het HvJ EU dat voor ogen staat, verbonden kenmerken: de consument is in het geheel niet op de hoogte van zijn rechten, of verschijnt niet in het geding om deze rechten in te roepen, vanwege de aan de procedure verbonden kosten. Om de consument dan toch te verzekeren van de hem toekomende bescherming, vereist het HvJ EU dat de nationale rechter omzettingswetgeving, voortvloeiende uit de beschermende – maar in beginsel niet zelfstandig toepasbare – EU-richtlijnen ambtshalve toepast, of daar ambtshalve aan toetst. Dit betreft in ieder geval de EU-richtlijnen met betrekking tot oneerlijke bedingen, consumentenkrediet en buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten.
Hoewel het HvJ EU deze plicht dus uitdrukkelijk motiveert met een verwijzing naar de passiviteit en de achtergestelde positie van de consument, laat het in de zaak-Rampion zien dat deze bescherming ook is bedoeld voor consumenten die als eisende partij optreden, en zelfs als zij zich daarbij laten bijstaan door een advocaat.
Om deze uitbreiding goed te kunnen beoordelen, dient besproken te worden waarom het HvJ EU een zo verregaande plicht aanvaardt. Dat gebeurt in de volgende paragraaf. Tegelijk komt ook de vraag op of deze rechtspraak wellicht een grotere reikwijdte heeft dan slechts de oneerlijke bedingen, het consumentenkrediet of de buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten. Op die vraag zal in paragraaf 5.3.4 worden ingegaan.