V-N 2022/9.19
Rechter hoeft niet ambtshalve tijdigheid beroep bij eigen instantie te beoordelen
Rb. Rotterdam 13-12-2021, ECLI:NL:RBROT:2021:12118, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
13 december 2021
- Magistraten
Schoonen
- Zaaknummer
ROT 20/6032, ROT 21/388, ROT 21/389 en ROT 21/390
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS634327:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBROT:2021:12118, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 13‑12‑2021
- Wetingang
Essentie
Rechtbank Rotterdam oordeelt in verzet dat de rechtbank niet gehouden was om ambtshalve te controleren of X op tijd beroep heeft ingesteld.
Samenvatting
X maakt bezwaar tegen invorderingskosten die in rekening zijn gebracht door de invorderingsambtenaar van de Regionale Belasting Groep. In beroep bestrijdt X de beslissing van de invorderingsambtenaar om de bezwaren niet-ontvankelijk te verklaren. Rechtbank Rotterdam verklaart X’ beroep na een vereenvoudigde behandeling (en dus zonder zitting) niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Rechtbank Rotterdam oordeelt in verzet dat de rechtbank niet was gehouden om ambtshalve te controleren of X op tijd beroep heeft ingesteld. In de uitspraak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.