Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/15.4.3.2
15.4.3.2 Uitzonderingen
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS413172:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Par. 7.2.
Thorn, IPrax 1995, p. 295; anders: Strikwerda, Inleiding NIPR, 710 druk, p. 278; Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 119.
Vgl. art. 8 lid 4 Rv.
Gaudemet-Tallon, Les Conventions, p. 80 en 183; Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 75 en 119; Kropholler, EZPR, p. 238 (met verwijzing naar de art.; Strikwerda, Inleiding NIPR, 7`1` druk, p. 278; anders: Van Houtte, Europese IPR-Verdragen, p. 63 en Verheul, Rechtsmacht, Deel 1, p. 71; anders (over art. 17 lid 5 Verdrag): Gaudemet-Tallon, Compétence en Europe, p. 241.
Gaudemet-Tallon, Compétence en Europe, p. 241.
Het beginsel dat de verweerder woonplaats in een EG-lidstaat moet hebben, kent de volgende uitzonderingen:
Bij een forumkeuze krachtens art. 23 EEX-V°/17 Verdrag is slechts noodzakelijk dat één van de partijen zijn woonplaats heeft in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat (eiser of verweerder).1 Daarmee neemt art. 23 EEX-V°/17 Verdrag een bijzondere positie in. Bij een forumkeuze zal immers nooit tevoren duidelijk zijn welke partij eiser of verweerder zal zijn, terwijl partijen de (rechts)zekerheid moeten hebben over de forumkeuze. Op grond van dezelfde reden neem ik aan dat een forumkeuze binnen het toepassingsbereik van art. 21 EEX-V° komt, indien één van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat. art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag acht ik dus van toepassing ongeacht welke partij bij de forumkeuze woonplaats heeft in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat: eiser of verweerder.2 Art. 21 EEX-V° heeft bijgevolg eenzelfde toepassingsbereik als de art. 23 EEX-V° en derhalve een ruimer toepassingsgebied dan de art. 18 en 19 EEX-V°/2 en 5 sub 1 Verdrag.
Indien geen van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat, maar een forum in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat is aangewezen, rijst de vraag of art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag van toepassing is. Art. 23 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag is niet van toepassing, maar dat behoeft niet doorslaggevend te zijn. Hier openbaart zich dus een verschil tussen de EEX-V° en het Verdrag. Afdeling 5 bepaalt immers in beginsel zelfstandig de bevoegdheid betreffende arbeidsovereenkomsten. Gezien de beschermingsgedachte is toepasselijkheid van art. 21 EEX-V° een voor de handliggende gedachte. Anderzijds is de aanknoping met de EG-lidstaten bijzonder gering. Een ruime interpretatie leidt tot bescherming van partijen met woonplaats buiten het grondgebied van de lidstaten. Het gaat om een soort 'export' van de beschermingsgedachte voor partijen buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten. Naar mijn mening is een dergelijke forumkeuze niet onderworpen aan art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag, omdat de rechtsorde van de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten onvoldoende is betrokken door aanwijzing van een gerecht van een EG-lidstaat.3 Bovendien blijkt uit art. 21 aanhef EEX-V° dat het art. betrekking heeft op afwijking van Afdeling 5 door forumkeuze. Afdeling 5 is echter niet van toepassing, indien geen van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat met uitzondering van het bepaalde in art. 18 lid 2 EEX-V°. Het commune internationaal privaatrecht beschermt de werknemer veelal eveneens tegen forumkeuzen ten nadele van werknemers, zodat er onvoldoende redenen zijn af te wijken van het formele toepassingsbereik van Afdeling 5.4
Ten slotte rij st de vraag of art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag van toepassing is, indien een forum buiten de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten is aangewezen en één van de partijen in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat woonplaats heeft. Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag is in deze situatie niet van toepassing. Gezien de beoogde bescherming van de sociaal-economisch zwakkere partij is toepasselijkheid van art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag een gedachte die recht doet aan de strekking van deze artikelen. Meer dan een forumkeuze ten gunste van een gerecht in een andere EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat is de aanwijzing van een gerecht buiten de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten bezwaarlijk voor de werknemer, althans kan dat zijn. Er is geen reden hem de bescherming van art. 21 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag tegen een meer belastende forumkeuze te onthouden.5 De aanknoping met de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten is weliswaar gering, maar de beschermingsgedachte van art. 21 EEX-V°/17 Verdrag zou weinig voorstellen, indien de werknemer geen bescherming krijgt geboden tegen een (mogelijk) meer belastende keuze van een gerecht buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten. Voorts kan een argument worden gevonden in art. 21 EEX-V°. Uit de aanhef van dit art. blijkt dat van de bevoegdheid van de bepalingen van Afdeling 5 slechts kan worden afgeweken door daarna genoemde overeenkomsten. Een keuze voor een gerecht van een niet EG-lidstaat wordt echter niet genoemd als mogelijkheid. Een forumkeuze voor een niet EG-lidstaat heeft derhalve geen rechtsgevolg, aangezien deze mogelijkheid in art. 21 EEX-V° niet is vermeld. Derhalve houden de gerechten van de EG-lidstaten bevoegdheid in weerwil van een forumkeuze voor een gerecht van een niet EG-lidstaat. Indirect vloeit dit verbod ook voort uit art. 23 lid 3 EEX-V°/17 lid 5 Verdrag. Deze bepaling kent een ongeclausuleerd verbod voor forumkeuzen die afwijken van de bepalingen van Afdeling 5 resp. beperken zonder enige nadere omschrijving van forumkeuzen in arbeidsovereenkomsten.6