Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/4.3.2.3
4.3.2.3 Een jurist als deskundige?
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS701891:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
De aanbesteding is gepubliceerd (online) d.d. 13 mei 2020 met TenderNed-kenmerk: 263848. De aanbestedingsdocumenten zijn online raadpleegbaar via: https://www.tenderned.nl/tenderned-tap/aankondigingen/194868. Zie i.h.b. p. 16 van het ‘Beschrijvend document’.
ABRvS 17 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4570, BR 2015/27 (Helmond I),.
De Poorter & Van Soest-Ahlers 2008, p. 14.
Namelijk een zogenaamde semirechterlijke adviesfunctie.
Althans niet als onafhankelijke externe deskundige naar aanleiding van een op een aanvraag te nemen beslissing. In andere bestuursrechtelijke adviesrelaties worden wel eens juristen als deskundigen benoemd. Gedacht kan worden aan de jurist die wordt gevraagd om onderzoek te doen naar de integriteit van een besluitvormingsproces of naar frauduleus handelen.
Ik verwijs naar mijn eerdere artikel in Overheid & Aansprakelijkheid voor een uitgebreid onderzoek naar de toepassing van het wettelijke bewijsvermoeden door het IMG (Hermans, Hooijer & Schuite, O&A 2021/45, § 5). Zie ook: Oldenhuis & Koerts 2019, par. 4.3.3.
In het planschade- en nadeelcompensatierecht is de voorzitter van de deskundigencommissie, dan wel enig lid, dikwijls een jurist. Voor het nadeelcompensatierecht blijkt dat bijvoorbeeld uit de aanbestedingsprocedure voor de advisering op grond van de Beleidsregel I&W 2019. Een afgeronde academische juridische opleiding, de zogenaamde mr.-titel, is een wezenlijke eis om in aanmerking te komen voor de gunning van de opdracht.1 Ook in het planschaderecht beschikt de deskundige vaak over juridische kennis. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het gegeven dat advocatenkantoren wel eens worden benoemd als vaste planschadeadviseur van een gemeente.2 Overigens worden ook de gespecialiseerde planschadeadviesbureaus mede ‘bemenst’ door juristen, althans door adviseurs met relevante juridische kennis.
In algemene zin is het in het bestuursrecht niet uitzonderlijk dat juristen deel uitmaken van een adviescommissie. Ik wijs bijvoorbeeld op de leden van een bezwaarschriftencommissie ex art. 7:13 Awb. De leden van zo een commissie zijn voornamelijk afkomstig uit de juridisch-wetenschappelijke wereld en de rechterlijke macht.3 Een bezwaarschriftencommissie dient evenwel een andere adviesfunctie dan een deskundigenadvies.4 De functie van een deskundigenadvies is om het bestuursorgaan te voorzien van specifieke kennis waarover het bestuursorgaan zelf niet beschikt, maar die het wel nodig heeft met het oog op een zorgvuldige besluitvorming. Voor zover ik kan overzien, komt het in het bestuursrecht niet voor dat een jurist wordt ingeschakeld om als deskundige te adviseren.5 Dat geldt in ieder geval voor de bestuursrechtelijke deelgebieden waar deskundigenadvisering een voorname rol speelt. De eerdergenoemde leden van monumenten- en welstandscommissies zijn geen juristen. De UWV-verzekeringsarts is dat ook niet. Evenmin zijn jurist de deskundigen die op grond van art. 101 lid 1 Reglement rijbewijzen jo. de Regeling eisen geschiktheid 2000 het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) adviseren over de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen, de leden van het Bureau Medische Advisering (BMA) die op grond van art. 64 Vreemdelingenwet 2000 jo. paragraaf A3/7.1.1 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (A) de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) adviseert over het verlenen van uitstel van vertrek en de deskundigen die het college van burgemeester en wethouders adviseren over een aanvraag om bijstand krachtens het Besluit bijstand-verlening zelfstandigen 2004 (Bbz).
Wel is mij een bestuursrechtelijk deelgebied bekend waar zich de omgekeerde situatie voordoet. Daarmee bedoel ik dat van een vaktechnische deskundige wordt verlangd om een (gedeeltelijk) juridisch advies te geven, althans een advies dat een juridische beoordeling bevat. Die situatie doet zich voor bij de adviesprocedure ten behoeve van de besluitvorming van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG).6 In die procedure dienen vaktechnische deskundigen (mede) toepassing te geven aan het wettelijke bewijsvermoeden ex art. 6:177a BW. Onderdeel van die toepassing is de vraag of de schade in causaal verband staat tot de gaswinning. De vraag naar dat causaal verband is uiteindelijk een juridisch vraagstuk waarbij het oordeel van bijvoorbeeld een ingenieur of geoloog weliswaar niet onbelangrijk is, maar waarvoor juridische argumenten toch de doorslag zullen moeten geven.7