AB 2021/152
Prejudiciële vraag over verhouding tussen Unierechtelijk en nationaal vertrouwensbeginsel en plicht tot schadevergoeding.
CBb 22-12-2020, ECLI:NL:CBB:2020:1034, m.nt. R. Ortlep
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
22 december 2020
- Magistraten
Mrs. H.L. van der Beek, A. Venekamp, T. Pavićević
- Zaaknummer
19/631
- Noot
R. Ortlep
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS267774:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
EU-recht / Rechtsbescherming
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2020:1034, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22‑12‑2020
- Wetingang
Essentie
Prejudiciële vraag over verhouding tussen Unierechtelijk en nationaal vertrouwensbeginsel en plicht tot schadevergoeding.
Samenvatting
Gelet op het hiervoor overwogene is niet boven redelijke twijfel verheven of het Unierecht zich ertegen verzet dat aan de hand van het nationaalrechtelijke vertrouwensbeginsel wordt beoordeeld of een nationaal bestuursorgaan in strijd met een Unierechtelijke bepaling vertrouwen heeft opgewekt en aldus naar nationaal recht onrechtmatig heeft gehandeld door niet de schade te vergoeden die de justitiabele als gevolg daarvan heeft geleden, indien de justitiabele zich niet met succes kan beroepen op het Unierechtelijke ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.