Asser Procesrecht 11 Faillissement
Einde inhoudsopgave
Asser Procesrecht/Verstijlen 11 2025/236:236 Art. 35 lid 3 Fw.
Asser Procesrecht/Verstijlen 11 2025/236
236 Art. 35 lid 3 Fw.
Documentgegevens:
prof. mr. F.M.J. Verstijlen, datum 31-12-2024
- Datum
31-12-2024
- Auteur
prof. mr. F.M.J. Verstijlen
- JCDI
JCDI:BSD12068:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Insolventierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Incidenteel voorziet de Faillissementswet in een specifieke beschermingsbepaling. Art. 35 lid 3 Fw is een voorbeeld. Of beter gezegd, deze bepaling geeft een nadere invulling aan de “normale” derdenbeschermingsbepalingen van art. 3:86 en art. 3:238 BW, over de overdracht van zaken, niet-registergoederen respectievelijk de vestiging van een stil pandrecht erop. Een derde wordt vanaf het moment dat het faillissement in de Staatscourant is gepubliceerd, geacht van de beschikkingsbevoegdheid van de gefailleerde te weten.1 Hij is dan niet te goeder trouw en komt niet voor bescherming in aanmerking. In de praktijk wordt de Staatscourant ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.