De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/4.3.2:4.3.2 Het verkrijgen van inlichtingen van partijen
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/4.3.2
4.3.2 Het verkrijgen van inlichtingen van partijen
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS372698:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Welch (2) = 8.655 p = .000 Brown-Forsythe (2) = 8.819 p = .000. De antwoorden van partijen en advocaten verschillen overigens niet significant van elkaar.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Stelling 2: ‘Alle informatie die van belang is in deze zaak is op tafel gekomen’
De bovenstaande stelling is voorgelegd aan partijen en advocaten. Voor de rechter was de stelling net wat anders: ‘alle informatie die van belang is voor het nemen van een goede beslissing is op tafel gekomen’. Deze laatste stelling geeft nog scherper weer, wat er met het doel ‘het verkrijgen van inlichtingen van partijen’ in artikel 88 Rv door de wetgever is bedoeld. Omdat het voor partijen die niet juridisch onderlegd zijn, lastig is in te schatten welke informatie van belang is ‘voor het nemen van een goede beslissing’, is deze zinsnede in hun stelling weggelaten. Dit is bij advocaten ook gedaan, omdat er in het onderzoek naar gestreefd is, aan partijen en advocaten zoveel mogelijk dezelfde stellingen voor te leggen. Het nadeel van deze aanpak is, dat de antwoorden van de rechter minder goed vergelijkbaar zijn met die van partijen en advocaten. Voor toekomstig onderzoek wordt deze aanpak dan ook niet aanbevolen. Hieronder worden alle antwoorden wel met elkaar vergeleken, maar het bovenstaande moet hierbij niet uit het oog worden verloren.
De antwoorden van de rechters op de stelling zijn significant positiever dan die van partijen en advocaten (tabel 51).1 Mogelijk komt dit doordat rechters heel goed weten wat zij zelf nog nodig hebben aan rechtens relevante informatie voor het wijzen van vonnis. Advocaten zullen in het algemeen ook gericht zijn op deze rechtens relevante informatie, maar kunnen met de rechter van mening verschillen over de vraag wat daar precies onder valt en wat niet. Partijen ten slotte kijken waarschijnlijk niet zozeer naar rechtens relevante informatie, maar meer naar de informatie die volgens hen belangrijk is. Zij hanteren waarschijnlijk een ander referentiekader dan de rechter.
Er zijn geen significante verschillen in het antwoord op de stelling gevonden tussen (1) eisers en gedaagden, (2) advocaten van eisers en die van gedaagden en (3) de deelnemers van de twee rechtbanken.
Aan de 41 partijen (24.2%), de 30 advocaten (16.3%) en de 13 rechters (12.8%) die het oneens of zeer oneens waren met de stelling vroegen de onderzoekers tijdens de interviews waarom dit zo was. Elf partijen gaven aan, dat de rechter bepaalde onderwerpen niet behandelde of zij niet de kans kregen hierover iets te zeggen. Een aantal van die reacties is weergegeven in box 11. Mogelijk zijn de aspecten waarover deze partijen nog iets hadden willen zeggen, juridisch niet van belang of waren de stukken en onderwerpen waarover de rechter geen vragen meer stelde, reeds duidelijk. De antwoorden geven echter wel aan, dat deze partijen met andere verwachtingen de rechtszaal binnenkwamen dan hetgeen feitelijk gebeurde. Zestien partijen gaven aan, dat door één of beide partijen (al dan niet bewust) informatie was achtergehouden of onjuiste informatie naar voren was gebracht. Zes van hen zeiden dat beide partijen dit hadden gedaan, zes anderen zeiden dat alleen de ander dit gedaan had en vier van hen bekenden zelf informatie te hebben achtergehouden. In box 12 is een aantal van deze antwoorden op een rijtje gezet.
Partijen
Advocaten
Rechters
Abs
%
Abs
%
Abs
%
1 zeer oneens
12
7.1
8
4.3
2
2.0
2 oneens
29
17.1
22
12.0
11
10.8
3 beetje oneens/beetje eens
31
18.2
32
17.4
12
11.8
4 eens
82
48.2
98
53.3
47
46.1
5 zeer eens
16
9.4
24
13.0
30
29.4
Geen antwoord
0
0
0
0
0
0
Totaal
170
100
184
100
102
100
M = 3.36
SD = 1.09
M = 3.59
SD = 1.00
M = 3.90
SD = 1.01
Box 11: Enkele reacties van partijen die vonden dat niet alle informatie die van belang was in hun zaak op tafel was gekomen omdat de rechter bepaalde onderwerpen niet behandelde of zij niet de kans kregen hierover iets te zeggen
1. ‘Er zaten stukken bij het dossier waar de rechter geen aandacht aan besteedde en ik het wel over wilde hebben.’
2. ‘De rechter luisterde alleen naar de tegenpartij. Mijn advocaat en ik werden telkens de mond gesnoerd door de rechter waardoor we niet alle informatie konden geven.’
3. ‘De rechter was niet op de hoogte van de hertaxatie. Dat stuk is wel ingediend door mijn advocaat, maar ik heb het de rechter niet horen noemen.’
4. ‘Niet alle informatie is op tafel gekomen omdat de rechter bepaalde vragen niet heeft gesteld en naar bepaalde dingen niet heeft gevraagd. Verder hebben we ook niet de kans gekregen om deze onderwerpen alsnog aan te snijden omdat de rechter ons daarvoor geen spreektijd heeft gegeven.’
5. ‘Bepaalde onderwerpen zijn niet door de rechter behandeld. Dit betrof weliswaar details, maar die moeten ook uitgebreid besproken worden.’
Box 12: Enkele reacties van partijen die vonden dat niet alle informatie die van belang was in hun zaak op tafel was gekomen omdat deze door (één van) de partijen was achtergehouden
1. ‘Niet alle informatie is op tafel gekomen omdat beide partijen bewust informatie hebben verzwegen voor de rechter. Partijen waren hiervan op de hoogte van elkaar.’
2. ‘Door zowel mijn gedrag als dat van de wederpartij is niet alle informatie op tafel gekomen. We hebben een conflict en dat blijft een duister verhaal, omdat wij beiden weigeren helderheid te verschaffen over bepaalde aspecten van deze zaak.’
3. ‘De rechter vroeg om aanvullende informatie die beide partijen nog niet overgelegd hadden, omdat dit nog niet eerder aan de orde was geweest.’
4. `Ik heb op aanraden van mijn advocaat nog niet alle informatie op tafel gelegd.’
5. ‘Persoonlijke dingen (bedreigingen door mijn ex) zijn niet op tafel gekomen, omdat ik deze dingen niet wilde zeggen tegen de rechter.’
6. ‘Niet alle informatie is op tafel gekomen, omdat ik zelf slecht voorbereid was en dus niet alles aan de rechter heb kunnen vertellen.’
Verder waren de redenen wisselend waarom partijen vonden dat niet alle relevante informatie op tafel was gekomen. Zij gaven onder meer aan dat de rechter te laat ingediende stukken geweigerd had, er nog bewijslevering zou gaan plaatsvinden, de partij onderbroken werd door de eigen advocaat, de rechter bekende niet alle stukken te hebben gelezen, er te veel gebeurd was in de zaak en de zaak onlosmakelijk verbonden was met een aantal andere zaken.
Ook acht advocaten vonden dat niet alle relevante informatie in de zaak op tafel gekomen was doordat zij de kans niet hadden kregen over bepaalde aspecten iets te zeggen of dat de rechter sommige onderwerpen niet/nauwelijks behandelde. Zes advocaten gaven aan, dat de zaak te complex was om alle relevante informatie binnen de beschikbare zittingstijd te bespreken. De overige antwoorden van advocaten varieerden nogal, wat ook blijkt uit een greep uit deze antwoorden in box 13.
Box 13: Een aantal antwoorden van advocaten waarom zij vonden dat niet alle informatie die van belang was in de zaak op tafel was gekomen
1. ‘Er moet nog informatie van een notaris van de tegenpartij op tafel komen. Die wordt nu achtergehouden omdat die notaris niet erg wil meewerken.’
2. ‘Dit is deels verwijtbaar aan mijzelf doordat er te weinig bewijs was verzameld en deels te wijten aan het feit dat het bewijs pas in reconventie werd gevraagd waardoor er te weinig tijd was om het nog te verzamelen.’
3. ‘Er ontbraken stukken die de andere partij in het geding had moeten brengen.’
4. ‘Niet alle informatie is op tafel gekomen, omdat ik, vlak voordat de zitting was afgelopen, nog een brief wilde inbrengen, maar de rechter dat weigerde.’
5. ‘De handicap van een comparitie is dat vaak niet alle belangrijke informatie tijdens die zitting voorhanden is. De oorzaak hiervan is dat in het tussenvonnis vaak geen inlichtingen staan over welke informatie volgens de rechter nu zo belangrijk is in de voorliggende procedure. In een omvangrijke zaak zoals deze is dus nooit duidelijk wat je precies moet meenemen.’
6. ‘Een aantal geschilpunten had opgelost kunnen worden als de rechter met relevante informatie, oftewel met antwoorden op geschilpunten, gekomen was.’
Waarom vonden 13 rechters dat nog niet alle informatie die van belang is voor het nemen van een goede beslissing op tafel was gekomen tijdens de zitting? Vijf rechters gaven aan, nog niet alle relevante stukken in hun bezit te hebben. Vier rechters zeiden dat er op de zitting te veel nieuwe informatie naar voren was gekomen en zij genoodzaakt waren repliek en dupliek te gelasten. De reacties van de overige vier rechters liepen uiteen en zijn weergegeven in box 14.
Box 14: De antwoorden van (de overige) vier rechters die het (zeer) oneens waren met de stelling ‘alle informatie die van belang is voor het nemen van een goede beslissing is op tafel gekomen’
1. ‘Deze zaak betrof een langslepend conflict. Partijen hadden over ongeveer alles ruzie. De punten in de dagvaarding waren slechts een selectie. We hebben er ter zitting één punt uitgepakt en daar hebben we het een uur over gehad. Na dat uur was mij weliswaar dat ene punt duidelijk, maar de overige punten nog steeds niet. Mijn streven was dan ook reeds voor de zitting om ze door te verwijzen naar mediation en dat is gelukt.’
2. Tén van de partijen was er niet waardoor niet helder werd wat partijen nu precies hadden afgesproken.’
3. ‘Ik zag dat partijen nog graag verder wilden praten met elkaar. Als je dan tot in detail doorvraagt en roept dat de vordering onzin is, dan wordt dat niks.’
4. ‘Ik ben opgehouden de zaak inhoudelijk te bespreken. Dit vond ik niet zinvol omdat de informatie die zij ter zitting gaven niets toevoegde aan de inhoud van eerdere stukken. Ik vond dat ze beter konden schikken en heb mijn energie daar verder in gestoken.’
Zijn ten slotte de aanwezigen van dezelfde zitting het met elkaar eens over de mate waarin de relevante informatie in de zaak op tafel is gekomen? Er zijn slechts vier significante correlaties gevonden die laag tot matig zijn (tabel 52). Erg veel overeenstemming over de mate van doelbereik is er dus niet. De twee hoogste gevonden correlaties zijn die tussen de antwoorden van respectievelijk de eiser en zijn advocaat (.456) en die van de gedaagde en zijn advocaat (.453).
gedaagde
advocaat eiser
advocaat gedaagde
rechter
eiser
.027
.494*
-.066
.343*
gedaagde
-
.011
.416*
.153
advocaat eiser
-
.120
.304*
advocaat gedaagde
-
.256*
* deze correlatie is significant: p < .05 (2-tailed)