Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/931
Werkzaam in maatschappelijke zorg ontucht plegen met cliënte door als begeleider van 24-uurs zorglocatie seksuele handelingen met haar te verrichten, meermalen gepleegd (art. 249 lid 2 onder 3 (oud) Sr). 1. Bewijsklachten. 2. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 3. Bewijsklacht pleegperiode. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 01-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1347
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, Y. Buruma, A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
22/04648
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1347, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:587, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑06‑2024
Essentie
Werkzaam in maatschappelijke zorg ontucht plegen met cliënte door als begeleider van 24-uurs zorglocatie seksuele handelingen met haar te verrichten, meermalen gepleegd (art. 249lid 2onder 3 (oud) Sr). 1. Bewijsklachten. 2. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 3. Bewijsklacht pleegperiode. HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/04648
Datum 1 oktober 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 7 december 2022, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.