Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht
Einde inhoudsopgave
Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht (FM nr. 151) 2018/4.2.2.2:4.2.2.2 Reorganisaties en verplaatsingen
Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht (FM nr. 151) 2018/4.2.2.2
4.2.2.2 Reorganisaties en verplaatsingen
Documentgegevens:
mr. I.J. Krukkert, datum 01-02-2018
- Datum
01-02-2018
- Auteur
mr. I.J. Krukkert
- JCDI
JCDI:ADS462074:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Fiscaal strafrecht
Fiscaal bestuursrecht / Boete
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook artikel 36c, lid 1, letter b, onderdeel 1 Brra.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk VII van het ARAR zijn de rechten en verplichtingen opgenomen omtrent reorganisaties. De procedure inzake het aanwijzen en herplaatsen van zogeheten herplaatsingskandidaten in geval van een reorganisatie is van belang bij het beoordelen van de mate van onafhankelijkheid van een inspecteur (zie hierna). Een ambtenaar die als herplaatsingskandidaat niet wil meewerken aan zijn herplaatsing kan hiertoe worden verplicht (artikel 57 ARAR). Geeft hij hier geen gevolg aan dan kan hij ontslagen worden (artikel 49l en artikel 96-104a ARAR).
Ook bij de rechterlijke macht worden reorganisaties doorgevoerd. De rechten en plichten van de niet voor het leven benoemde rechterlijk ambtenaar bij een reorganisatie verschillen niet wezenlijk van die van ‘gewone’ ambtenaren (zie hoofdstuk 4a van het Brra). Rechterlijke ambtenaren die wel voor het leven zijn benoemd hebben echter een meer beschermde status. Zo kan de rechter die als herplaatsingskandidaat is aangewezen niet buiten het gerecht waarbij hij werkzaam is, worden geplaatst (artikel 36l Brra).1 Ook volgt op grond van artikel 36z Brra geen ontslag als hij niet voldoet aan de verplichting om een andere passende functie binnen hetzelfde gerecht te aanvaarden (artikel 36p, lid 2 Brra).