Einde inhoudsopgave
RvdW 2014/792
Strafoplegging en de LOVS oriƫntatiepunten.
HR 27-05-2014, ECLI:NL:HR:2014:1236
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
27 mei 2014
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, H.A.G. Splinter-van Kan, Y. Buruma
- Zaaknummer
13/02486
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:1236, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 27ā05ā2014
ECLI:NL:PHR:2014:430, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18ā02ā2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 14ā10ā2013
- Wetingang
Essentie
De LOVS oriƫntatiepunten zijn geen recht in de zin van art. 79 RO reeds omdat de bedoelde oriƫntatiepunten niet afkomstig zijn van een instantie die de bevoegdheid heeft rechters te binden wat betreft het gebruik dat zij maken van de hun door de wetgever gelaten ruimte (HR 29 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2745, NJ 2011/410). Kennelijk heeft het Hof bij de oplegging van de straf rekening gehouden met genoemde LOVS-oriƫntatiepunten voor straftoemeting. Naar aanleiding van het door de raadsman aangevoerde, te weten dat in dit geval niet sprake is van wat in de oriƫntatiepunten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.