Einde inhoudsopgave
Besluit onroerende zaken omzetbelasting
1 Inleiding
Geldend
Geldend vanaf 18-12-2025
- Bronpublicatie:
08-12-2025, Stcrt. 2025, 40601 (uitgifte: 17-12-2025, regelingnummer: 2025-25099)
- Inwerkingtreding
18-12-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
08-12-2025, Stcrt. 2025, 40601 (uitgifte: 17-12-2025, regelingnummer: 2025-25099)
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Dit besluit gaat in op de heffing van btw in Nederland bij de levering van onroerende zaken, de op onroerende zaken gevestigde rechten en de verhuur van onroerende zaken. Het besluit behandelt onder meer de goedkeuringen voor situaties waarin de levering en de verhuur van onroerende zaken op verzoek worden belast. Verder bevat dit besluit interpretaties van bepaalde relevante begrippen en de nationale en Europese jurisprudentie. Dit besluit bevat geen richtlijnen over het recht op aftrek van btw bij de levering en verhuur van onroerende zaken. Deze richtlijnen zijn opgenomen in het besluit ’Omzetbelasting. Aftrek van omzetbelasting’ van 24 november 2020, nr. 2020-167584 (Stcrt. 2020, 63000).
Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 8 december 2025, nr. 2025-25099, (Stcrt. 2025, 40601). De wijzigingen betroffen:
- –
De tekst van de onderdelen 3.2.1 en 4.4.2 is aangepast in verband met het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 november 2024, C-594/23 (Lomoco Development e.a.), ECLI:EU:C:2024:942.
- –
De tweede zin van de tweede alinea van onderdeel 3.5 over de eerste ingebruikneming is vervallen naar aanleiding van signalen uit de praktijk. De tekst over de eerste ingebruikneming zal nader bezien worden in het kader van de jurisprudentie van het HvJ en de HR.
- –
In onderdeel 3.5.2 over de voortbrenging van een vervaardigd goed door verbouwing, is in voetnoot 37 het arrest van de Hoge Raad van 31 januari 2025, nr. 24/02923, ECLI:NL:HR:2025:157 opgenomen.
- –
In onderdeel 4.3 is nader toegelicht hoe de prestatie moet worden gekwalificeerd als de handelingen die voortvloeien uit een koop-/aannemingsovereenkomst als één prestatie voor de omzetbelasting worden aangemerkt. De besluiten Overdrachtsbelasting en omzetbelasting, samenloop van 16 maart 2017, nr. 2017-51500 en Overdrachtsbelasting, maatstaf van heffing van 22 februari 2017, nr. 2017-36415 worden nog aangepast aan deze wijziging.
- –
De tweede alinea van onderdeel 4.4.2 is verduidelijkt. Deze alinea ziet op de sloop van een gebouw.
- –
In onderdeel 5.8.4 is de goedkeuring voor de verhuur van congres-, vergader- en tentoonstellingsruimte verduidelijkt.
- –
Onderdeel 5.10.2 over de verhuur binnen het kader van hotel-, pension-, kamp- en vakantiebestedingsbedrijf aan personen die daar slechts voor een korte periode verblijf houden, is aangepast vanwege het vervallen per 1 januari 2026 van het verlaagde tarief van post b 11 van Tabel I, behorende bij de wet.1. Daarbij is in geactualiseerde vorm de tekst over korte periode uit de vervallen toelichting bij post b 11 van de Toelichting Tabel I opgenomen. Ook zijn verwerkt de uitspraken van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 juli 2025, nr BK-ARN 23/2683, ECLI:NL:GHARL:2025:4111 en van 5 augustus 2025, nr BK-ARN 24/361, ECLI:NL:GHARL:2025:4941.
- –
Na onderdeel 5.10.2 is onderdeel 5.10.2.1 opgenomen over de opvang van asielzoekers en vluchtelingen. De tekst over de opvang van asielzoekers is in geactualiseerde vorm overgenomen uit de vervallen toelichting bij post b 11 van de Toelichting Tabel I. Daarbij is beleid over de opvang van vluchtelingen opgenomen.
- –
Onderdeel 5.10.3 is aangepast vanwege het vervallen per 1 januari 2026 van het verlaagde tarief van post b 11 van Tabel I bij de wet.
Onbenoemd 1.1 Gebruikte begrippen en afkortingen
Voetnoten
Belastingplan 2026.