RFR 2011/3
Huwelijksvermogensrecht. Welke waarderingsmaatstaf dient te worden gehanteerd bij de verdeling?
HR 29-10-2010, ECLI:NL:HR:2010:BN7061
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
29 oktober 2010
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, W.A.M. van Schendel, C.A. Streefkerk
- Zaaknummer
09/00766
- Conclusie
A-G Wuisman
- LJN
BN7061
- JCDI
JCDI:ADS875246:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Gemeenschap
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
Erfrecht / Algemeen
Financiële planning / Estate planning
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2010:BN7061, Uitspraak, Hoge Raad, 29‑10‑2010
ECLI:NL:PHR:2010:BN7061, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 10‑09‑2010
- Wetingang
BW art. 3:169, 185
Essentie
Huwelijksvermogensrecht.
Welke waarderingsmaatstaf dient te worden gehanteerd bij de verdeling?
Samenvatting
In de onderhavige zaak zijn twee geschillen aan de orde met verschillende partijen. De zaken zijn in appel gevoegd. Het ene geschil betreft de verdeling van de huwelijksgemeenschap tussen de man en de vrouw. De huwelijksgemeenschap omvat een varkensfok- en mestbedrijf dat onder meer varkensrechten bevat. Het andere geschil betreft een geschil tussen enerzijds de vrouw in kwestie en anderzijds de man en de zoon. De man heeft met de zoon een overeenkomst van maatschap gesloten om te komen tot een gezamenlijke exploitatie van een varkenshouderij. De man ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.