Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/14.3.6
14.3.6 Uitzonderingen voor kleine belangen en reddingsoperaties
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS406914:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Deze uitzonderingen bestonden (sinds 1998) reeds onder de regeling van voor het MoMiG; zij waren destijds opgenomen in § 32a GmbHG.
De relevante tekst van § 39 InsO luidt: “(4) Absatz 1 Nr. 5 gilt für Gesellschaften, die weder eine natürliche Person noch eine Gesellschaft als persönlich haftenden Gesellschafter haben, bei der ein persönlich haftender Gesellschafter eine natürliche Person ist. Erwirbt ein Gläubiger bei drohender oder eingetretener Zahlungsunfähigkeit der Gesellschaft oder bei Überschuldung Anteile zum Zweck ihrer Sanierung, führt dies bis zur nachhaltigen Sanierung nicht zur Anwendung von Absatz 1 Nr. 5 auf seine Forderungen aus bestehenden oder neu gewährten Darlehen oder auf Forderungen aus Rechtshandlungen, die einem solchen Darlehen wirtschaftlich entsprechen. (5) Absatz 1 Nr. 5 gilt nicht für den nicht geschäftsführenden Gesellschafter einer Gesellschaft im Sinne des Absatzes 4 Satz 1, der mit 10 Prozent oder weniger am Haftkapital beteiligt ist.” Ten aanzien van de vernietigbaarheid van de betalingen op en zekerheden ten behoeve van deze leningen is in § 135(4) InsO bepaald dat op deze bepaling § 39(4) en (5) van toepassing zijn.
De regeling inzake de bijzondere behandeling van aandeelhoudersleningen kent twee niet onbelangrijke uitzonderingen.1 Leningen verstrekt door aandeelhouders die minder dan 10 procent van de aandelen in de vennootschap houden en geen bestuurder daarvan zijn, vallen buiten de achterstellingsregeling. Betalingen op dergelijke leningen, of zekerheden verstrekt ten behoeve van dergelijke leningen, zijn evenmin vernietigbaar.
De bijzondere regels zijn ook niet van toepassing als een kredietverstrekker in het kader van een reddingsoperatie aandelen in de vennootschap krijgt. Hierdoor wordt voorkomen dat bijvoorbeeld banken die bereid zijn een deel van hun leningen aan een noodlijdende onderneming door een debt/equity-swap om te zetten in aandelen kapitaal, zich geconfronteerd zien met een herkwalificatie (en dus achterstelling) van het overblijvende (niet in aandelen omgezette) deel van het eerder door hen verstrekte krediet.2