NJB 2022/365
Herziening vanwege onbekend gegeven (novum) ingevolge art. 457 lid 1, aanhef en onder c, Sv: in casus beroept de aanvraag zich op een conclusie van 13 april 2021 van de A-G bij de Hoge Raad T.N.B.M. Spronken, in een andere strafzaak, waarin is geconcludeerd tot vernietiging van het in cassatie bestreden arrest van het hof. Een dergelijke conclusie betreft echter – daargelaten de inhoudelijke verschillen tussen de betreffende stafzaken – geen gegeven in de zin van artikel 457 lid 1, aanhef en onder c, Sv
HR 25-01-2022, ECLI:NL:HR:2022:36
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
25 januari 2022
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, M. Kuijer
- Zaaknummer
21/04964
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:36, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 25‑01‑2022
- Wetingang
(art. 457 Sv)
Essentie
Herziening vanwege onbekend gegeven (novum) ingevolge art. 457 lid 1, aanhef en onder c, Sv: in casus beroept de aanvraag zich op een conclusie van 13 april 2021 van de A-G bij de Hoge Raad T.N.B.M. Spronken, in een andere strafzaak, waarin is geconcludeerd tot vernietiging van het in cassatie bestreden arrest van het hof. Een dergelijke conclusie betreft echter – daargelaten de inhoudelijke verschillen tussen de betreffende stafzaken – geen gegeven in de zin van artikel 457 lid 1, aanhef en onder c, Sv
Uitspraak
Inleiding
Herzieningsprocedure. Verdachte is veroordeeld wegens – kort gezegd – ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.