Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement
Einde inhoudsopgave
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/8.8:8.8 Vaststelling stemuitslag
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/8.8
8.8 Vaststelling stemuitslag
Documentgegevens:
mr. A.M. Mennens, datum 01-01-2020
- Datum
01-01-2020
- Auteur
mr. A.M. Mennens
- JCDI
JCDI:ADS192703:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 2018/19, 35 249, nr. 3, p. 14-15; 63-64; Kamerstukken II 2019/20, 35 249, nr. 6, p. 10-11.
Vgl. Tollenaar 2017b, p. 70.
De aanbieder dient dit zo snel mogelijk te doen, omdat de homologatiezitting plaatsvindt binnen acht tot veertien dagen nadat het homologatieverzoek is ingediend en het verslag van de stemming ter inzage is gelegd, vgl. art. 383 lid 6 Fw en Kamerstukken II 2018/19, 35 249, nr. 3, p. 14-15; 63-64.
Kamerstukken II 2018/19, 35 249, nr. 3, p. 14-15; 63-64.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
478. De aanbieder van het akkoord stelt “zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zeven dagen na de stemming” een verslag van de stemming op. In dat verslag moet uiteraard de stemuitslag worden vermeld. Daarnaast eist art. 382 lid 1 Fw dat het verslag de namen van de partijen die hun stem uitbrachten vermeldt, of zij voor of tegen stemden, alsmede de hoogte van hun vordering of het nominale bedrag van hun aandelen. De aanbieder van het akkoord dient tevens te vermelden of hij voornemens is een homologatieverzoek in te dienen. Indien dat het geval is, dient het verslag te vermelden “wat verder rondom de stemming of (…) bij de vergadering (…) is voorgevallen”, voor zover dat relevant is voor het homologatieverzoek. De bedoeling is dat vermogensverschaffers de stemuitslag kunnen controleren en zich aan de hand van het verslag kunnen beraden over het nut van een mogelijk bezwaar tegen de homologatie.1
De WHOA laat de vaststelling van de stemuitslag over aan de aanbieder. Indien het akkoord wordt aangeboden door de schuldenaar zelf, doet hij er wijs aan een onafhankelijke derde aan te wijzen die de stemuitslag zal vaststellen. Op die manier wordt iedere zweem van belangenverstrengeling of partijdigheid voorkomen. Gedacht kan worden aan een notaris of – indien benoemd – de observator.2 Zoals hiervoor betoogd zou de aanbieder van het akkoord ook de rol van een voorzitter van de vergadering(en) kunnen opnemen in de stemprocedure. De voorzitter zou dan de stemuitslag kunnen vaststellen.
De aanbieder van het akkoord dient de stemgerechtigden “onverwijld” in staat te stellen van het verslag kennis te nemen.3 Wanneer de aanbieder een homologatieverzoek zal indienen, dient hij het verslag ter griffie van de rechtbank te deponeren. De stemgerechtigden kunnen het verslag daar kosteloos inzien, zo bepaalt art. 382 lid 2 Fw. Dit verslag bevat mogelijk cruciale informatie voor vermogensverschaffers die een verzoek tot weigering van de homologatie willen indienen.4 Mede met het oog daarop zou de aanbieder van het akkoord de stemuitslagen ook via andere kanalen bekend kunnen maken, bijvoorbeeld via het medium dat hij heeft gebruikt om de vermogensverschaffers voor de stemming op te roepen. Op grond van art. 382 Fw lijkt hij daartoe echter niet verplicht.