Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/9.5.1
9.5.1 Bevoegdheid
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS585943:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook art. 6:135 BW (verrekeningsverboden) en art. 6:136 BW (liquiditeitscorrectie).
Gaat, bezien vanuit de schuldeiser, een tegenvordering van zijn schuldenaar op hemzelf op een ander over, dan kan de schuldeiser een beroep doen op art. 6:130 lid 1 BW. Zie hierna nr. 596-597.
Zie over de vereisten voor verrekening, de verrekeningsverklaring en de rechtsgevolgen van verrekening, uitgebreid Faber 2005, respectievelijk hoofdstukken 2, 3 en 5.
Zie Faber 2005, nr. 120-125 en nr. 289-290. Zie ook art. 6:236 sub f BW.
537. Een schuldenaar heeft de bevoegdheid om te verrekenen, wanneer hij een prestatie te vorderen heeft die beantwoordt aan zijn schuld jegens dezelfde wederpartij en hij bevoegd is zowel tot betaling van de schuld als tot het afdwingen van de betaling van de vordering (art. 6:127 lid 2 BW). De bevoegdheid tot verrekening bestaat niet ten aanzien van een vordering en een schuld die in van elkaar gescheiden vermogens vallen (art. 6:127 lid 3 BW).1 Wanneer de schuldenaar die de bevoegdheid tot verrekening heeft, aan zijn schuldeiser verklaart dat hij zijn schuld met de vordering verrekent, gaan beide verbintenissen tot hun gemeenschappelijke beloop teniet (art. 6:127 lid 1 BW). De verrekening werkt terug tot het tijdstip waarop de bevoegdheid tot verrekening is ontstaan (art. 6:129 lid 1 BW).2 De bevoegdheid tot verrekening eindigt niet door verjaring van de rechtsvordering (art. 6:131 lid 1 BW). Uitstel van betaling of van executie, bij wijze van gunst door de schuldeiser verleend, staat aan verrekening door de schuldeiser niet in de weg (art. 6:131 lid 2 BW).3 Partijen zijn bevoegd tot een contractuele afwijking van de materiële vereisten voor verrekening, waaronder het wederkerigheidsvereiste.4