NJF 2017/500
Geen onaanvaardbare doorkruising van publiekrecht bij privaatrechtelijk kostenverhaal in verband met scheepvaartbegeleiding na vastlopen binnenschip.
Ktr. Den Haag 11-10-2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11654
- Instantie
Rechtbank Den Haag (Kamer voor kantonzaken)
- Datum
11 oktober 2017
- Magistraten
Mr. L Alwin
- Zaaknummer
C/09/4926508 / RL EXPL 16-8603
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Vervoersrecht / Binnenvaart
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2017:11654, Uitspraak, Rechtbank Den Haag (Kamer voor kantonzaken), 11‑10‑2017
- Wetingang
Art. 6:162 lid 2 BW; art. 14 lid 2 Scheepvaartverkeerswet
Essentie
Geen onaanvaardbare doorkruising van publiekrecht bij privaatrechtelijk kostenverhaal in verband met scheepvaartbegeleiding na vastlopen binnenschip.
Samenvatting
Een schip loopt aan de grond op de Geldersche IJssel. Gebleken is dat de schipper niet goed had nagegaan hoe hoog die dag het water ter plaatse zou staan. Omdat het schip dwars kwam te liggen konden passerende schepen alleen onder begeleiding van schepen van Rijkswaterstaat langs het vastgelopen schip varen. De Staat kan de kosten daarvan met succes op de (verzekeraar van de) schipper verhalen. Het gaat hier om een taak op grond van de Scheepvaartverkeerswet. Die voorziet in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.