RSV 2020/52
Verblijf buitenland – centrum van belangen in Nederland – dwingendrechtelijke bepaling – geen bijzondere omstandigheden die aanleiding geven tot andere uitkomst
CRvB 09-01-2020, ECLI:NL:CRVB:2020:38
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
9 januari 2020
- Magistraten
Mrs. J.P.M. Zeijen, S. Wijna, M.E. Fortuin
- Zaaknummer
18/1542 WW
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS185790:1
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid werkloosheid / Uitkeringsvoorwaarden
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2020:38, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 09‑01‑2020
- Wetingang
Art. 19 lid 1 aanhef en onder e WW
Essentie
Verblijf buitenland – centrum van belangen in Nederland – dwingendrechtelijke bepaling – geen bijzondere omstandigheden die aanleiding geven tot andere uitkomst
Samenvatting
Betrokkene had op grond van de uitsluitingsgrond van artikel 19, eerste lid, aanhef en onder e, van de WW over de periode in geding geen recht op een WW-uitkering.
Artikel 19, eerste lid, aanhef en onder e, van de WW is een dwingendrechtelijke bepaling die geen ruimte biedt om bij de toepassing ervan rekening te houden met de individuele omstandigheden en de redenen waarom betrokkene buiten Nederland heeft verbleven. Dit neemt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.