RI 2022/24
Op welke wijze moet over de diverse geschil- en discussiepunten bij een WHOA-akkoord worden geoordeeld?
Rb. Amsterdam 02-09-2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:6521
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
2 september 2021
- Magistraten
Mrs. A.E. de Vos, F. Damsteegt-Molier, M.C. Bosch
- Zaaknummer
C/13/705984 / FT RK 21.690
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS639481:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2021:6521, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 02‑09‑2021
- Wetingang
Art. 378 Fw
Essentie
WHOA. Aspectenverzoek.
Op welke wijze moet over de diverse geschil- en discussiepunten die van belang zijn in het kader van het tot stand brengen van een WHOA-akkoord worden geoordeeld?
Samenvatting
X maakt deel uit van een omvangrijke groep vennootschappen. X heeft op 11 januari 2021 een startverklaring gedeponeerd en is doende een WHOA-akkoord tot stand te brengen met haar belangrijkste schuldeisers, hoofdzakelijk kredietverstrekkers en de Belastingdienst. Ten aanzien van specifieke schuldeisers is een afkoelingsperiode afgekondigd. Op verzoek van een schuldeiser is een herstructureringsdeskundige aangewezen. De herstructureringsdeskundige verzoekt de rechtbank om een uitspraak te doen over aspecten die van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.