Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.4.1.1:7.4.1.1 Netto-voordeeltoerekening
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.4.1.1
7.4.1.1 Netto-voordeeltoerekening
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630498:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
€ 870.000 -/- € 112.500.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In casu zijn er twee typen inkomsten, namelijk de huurinkomsten en het vervreemdingsvoordeel. Deze inkomsten moeten worden toegerekend.
De huurinkomsten kunnen worden toegerekend op basis van: (i) de periode waarin vermogensbestanddelen worden gebruikt of de arbeid wordt verricht. De met de verhuur samenhangende inkomsten dienen dan ook aan de looptijd van het huurcontract/de periode waarin het vermogensbestanddeel wordt gebruikt te worden toegerekend. Aangezien de verhuur is aangevangen in de onbelaste periode en doorloopt in de belaste periode, dienen de huurinkomsten naar evenredigheid aan de onbelaste/belaste periode te worden toegerekend. Naar evenredigheid wil zeggen toerekenen aan de periode waarin de verhuur plaatsvindt. In casu leidt dit ertoe dat de huurinkomsten van jaar 1 tot met 5 worden toegerekend aan de onbelaste periode en de resterende huurtermijnen aan de belaste periode.
Ook het vervreemdingsvoordeel moet worden toegerekend aan de periode waarin het voordeel is veroorzaakt. In casu wordt het voordeel niet veroorzaakt door de bedrijfsuitoefening maar door een marktmutatie. Het vervreemdingsvoordeel moet daarom worden toegerekend op basis van uitgangspunt (ii) het jaar waarin de waardemutatie is ontstaan, waarbij het volgende stroomschema kan worden gehanteerd:
Omdat sprake is van een netto-toerekening geldt dat in de belastingheffing maximaal het daadwerkelijk gerealiseerde resultaat wordt betrokken. De waardemutatie toerekenbaar aan de belaste periode (€ 90.000) is hoger dan het gerealiseerde voordeel (€ 60.000). Hierdoor wordt niet de gehele waardemutatie die is ontstaan in de belaste periode in de heffing betrokken, maar maximaal het daadwerkelijke genoten voordeel ad € 60.000 (correctiemechanisme).
Als het totale resultaat conform deze methode wordt verdeeld over de onbelaste en belaste periode leidt dit tot de volgende resultaatverdeling:
Onbelaste periode
Belaste periode
Totaal
Huurinkomsten
€
300.000
€
300.000
€
600.000
Waardemutatie
€
0
€
60.000
*
€
60.000
Totaal
€
300.000
€
360.000
€
660.000
* In de belaste periode zal zijn afgeschreven. Uitgaande van afschrijving van 2,5% over de oorspronkelijke verkrijgingsprijs per jaar betekent dat € 22.500 per jaar (€ 112.500 in totaal) ten laste van het resultaat is gebracht. Het verschil tussen de fiscale boekwaarde € 757.5001 en de verkoopprijs ad € 960.000 is € 202.500. Dit is meer als de gerealiseerde winst (€ 60.000), maar omdat er afschrijvingen in aanmerkingen zijn genomen moet de behaalde boekwinst voor de nacontrole worden gecorrigeerd met € 112.500 (€ 202.500 -/- € 112.500 = € 90.000). Er is dan nog steeds een ‘overwinst’ zodat er een nacontrole is van € 30.000 (€ 90.000 -/- € 60.000).