De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/1.4.3.6:1.4.3.6 Hoofdstuk 12
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/1.4.3.6
1.4.3.6 Hoofdstuk 12
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS372076:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoofdstuk 12 is gericht op de beantwoording van onderzoeksvraag 4. Het ziet dus op de situatie dat een beschikking waarin (onmiddellijke) voorzieningen zijn getroffen door de Hoge Raad wordt vernietigd en vervolgens het verzoek tot deze voorzieningen alsnog wordt afgewezen door de Hoge Raad of na terugverwijzing door de ondernemingskamer. Dit onderwerp valt uiteen in twee deelonderwerpen: (i) kunnen de (rechts)gevolgen van de getroffen (onmiddellijke) voorzieningen ongedaan worden gemaakt en is dat – gezien de belangen van alle betrokken partijen – een redelijke uitkomst? Anders gezegd, kan de situatie van vóór het treffen van de (onmiddellijke) voorzieningen worden teruggebracht? En zo ja, is het ook mogelijk om daarvan bewust af te zien?
Het tweede deelonderwerp ziet op het geval dat (volledig) herstel van de situatie van voor het treffen van (onmiddellijke) voorzieningen niet aan de orde is. Voor dat geval wordt stilgestaan bij de vraag of aanspraak kan worden gemaakt op een schadevergoeding, en zo ja door wie en wie dat dan moet betalen.