Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/3.9
3.9 Rechtsvormwijziging; vorm van statutenwijziging
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS501476:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 2:66 lid 2, 2:177 lid 2 respectievelijk 2:286 lid 4 sub a BW.
Artikel 2:53 lid 1 respectievelijk lid 2 BW
Zie ook 2.5.
Waaronder L. Timmerman, 'Enkele opmerkingen van theoretische aard over omzetting van rechtspersonen', S& V 1993, p.146-148.
Conform de regeling het Duitse recht, waar één besluit genomen dient te worden.
B. Snijder-Kuipers, 'Vraagpunten bij omzetting van een stichting in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid', WPNR 2006-6661, p. 293-294.
M. Lutter en M. Winter, Lutter. Umwandlungsgezetz. Kommentar, Kbln: Dr. Otto Schmidt KG 2004, p. 1935.
Hof Amsterdam 17 juli 1980, NI 1981, 214 (Moussatorfabriek Bos Huizen B.V/Vos), waar gesteld werd dat rechtsvormwijziging van een naamloze vennootschap in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid feitelijk neerkwam op een statutenwijziging.
Rechtsvormwijziging gaat gepaard met statutenwijziging. In de eerste plaats zal de naam wijziging ondergaan aangezien voor een naamloze vennootschap, een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid en een stichting uit de naam van de rechtspersoon de rechtsvorm (dient te) blijken.1 Uit de doelomschrijving van een cooperatie of onderlinge waarborgmaatschappij moet duidelijk worden dat van deze rechtsvorm sprake is.2 Voor een vereniging geldt een dergelijke eis niet.
De wet maakt onderscheid tussen twee besluiten: een besluit tot rechtsvormwijziging en een besluit tot statutenwijziging. Het besluit tot rechtsvormwijziging heeft betrekking op de vorm van de privaatrechtelijke rechtspersoon en het besluit tot statutenwijziging heeft betrekking op de inhoud van de statuten. Duidelijk is dat uit de statuten van de rechtspersoon de soort rechtspersoon, de rechtsvorm, blijkt.3 Een besluit tot rechtsvormwijziging vereist in beginsel een gekwalificeerde meerderheid, een besluit tot statutenwijziging niet.
Timmerman meent4 dat twee afzonderlijke besluiten niet nodig zijn aangezien statutenwijziging rechtsvormwijziging impliceert.5 Leidt een positief besluit tot statutenwijziging altijd tot een positief besluit tot rechtsvormwijziging en vice versa? Ik denk van niet. De volgende situatie kan zich voordoen:
Het bestuur van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid legt aan de algemene vergadering van aandeelhouders het voorstel voor de vennootschap van rechtsvorm te wijzigen in een stichting. Een concept voor de notariële akte wordt daarbij overlegd. De algemene vergadering van aandeelhouders ondersteunt het initiatief van het bestuur om rechtsvormwijziging te bewerkstelligen als voorgesteld. Het ontwerp zoals dat door het bestuur is meegezonden, verkrijgt de goedkeuring van de aandeelhouders niet omdat de raad van toezicht, waarvan de aandeelhouders deel zullen uitmaken, te weinig bevoegdheden zal verwerven.
Het besluit tot rechtsvormwijziging wordt aangenomen. Het besluit tot statutenwijziging wordt verworpen.
Op basis van de huidige wettelijke regeling kan een besluit tot rechtsvormwijziging genomen worden zonder een besluit tot statutenwijziging. Een besluit tot statutenwijziging waarbij de vorm van de rechtspersoon wordt gewijzigd, vereist noodzakelijkerwijs een besluit tot rechtsvormwijziging. De verklaring hiervoor is dat de statuten zijn ingericht conform de eisen die door de wet gesteld worden aan die bepaalde rechtsvorm. Uit de statuten zal daarom altijd de rechtsvorm blijken.
Waarom is dan toch naast een besluit tot statutenwijziging een besluit tot rechts-vormwijziging vereist? Voor een besluit tot rechtsvormwijziging gelden in beginsel andere eisen dan voor een besluit tot statutenwijziging. Indien een besluit tot statutenwijziging aangenomen wordt en een besluit tot rechtsvormwijziging verworpen, kan het besluit tot statutenwijziging niet ten uitvoer worden gelegd.
Ik kan me voorstellen dat een besluit tot statutenwijziging ter gelegenheid van een rechtsvormwijziging vereist is waarvoor een sterkere meerderheid geldt dan voor andere besluiten tot statutenwijziging vanwege het ingrijpende karakter van rechtsvormwijziging. Rechtsvormkeuze kan worden geïncorporeerd in een besluit tot statutenwijziging. Door een zwaardere meerderheid voor een besluit tot statutenwijziging voor te schrijven in geval van rechtsvormwijziging, kunnen beide besluiten (tot rechtsvormwijziging en tot statutenwijziging) in elkaar geschoven worden. De rechtsvorm bepaalt immers de structuur van de rechtspersoon.
Het niet wijzigen van de naam van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid betekent mijns inziens het handhaven van de keuze voor een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid als rechtsvorm van de onderneming.
Het is mijns inziens niet nodig een afzonderlijk besluitvormingsproces voor rechtsvormwijziging voor te schrijven. Voor rechtsvormwijziging zoals vastgelegd in de nieuwe wet betreffende personenvennootschappen evenals rechtsvorm-wijziging van het EESV, de SE en de SCE is één besluit tot statutenwijziging, welk besluit de wijziging van de rechtsvorm inhoudt, toereikend. De vereiste versterkte meerderheid bij een besluit tot rechtsvormwijziging kan opgenomen worden in de algemene regeling voor statutenwijziging.6 In mijn opinie is rechts-vormwijziging immers een bijzondere vorm van statutenwijziging.
De voorgestelde regeling sluit aan bij de systematiek zoals die in het Duitse recht is vastgelegd. Daar is evenmin een afzonderlijk besluit tot statutenwijziging vereist. Het besluit tot rechtsvormwijziging heeft een dubbel karakter, want alle wettelijke en statutaire voorschriften voor statutenwijziging dienen bij het besluit tot rechtsvormwijziging nageleefd te worden.7
De Nederlandse wetgever sluit een dergelijke benadering niet uit. De wet eist twee besluiten, van rechtsvormwijziging en van statutenwijziging, die samenvallen in één notariële akte van rechtsvormwijziging. Een besluit tot rechtsvormwijziging vereist een gekwalificeerde meerderheid, een besluit tot statutenwijziging niet. Indien de gekwalificeerde meerderheid wordt opgenomen in het besluit tot statutenwijziging indien tot rechtsvormwijziging wordt besloten, wordt tegemoet gekomen aan de wens van de wetgever een dergelijk besluit uitsluitend met een gekwalificeerde meerderheid mogelijk te maken. Ook de rechtspraak tendeert naar een dergelijke opvatting.8