Artikel 43 van de Zorgverzekeringswet (Zvw) regelt de door een verzekeringsplichtige verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage. De heffing vindt plaats over het in een kalenderjaar genoten bijdrage-inkomen. Bij de heffing wordt rekening gehouden met een minimum en maximum bijdrage-inkomen. De heffing van inkomensafhankelijke bijdrage over loon vindt plaats via inhouding op het loon. De heffing over de overige bestanddelen van het bijdrage-inkomen vindt plaats op aanslag. Voor de inkomensafhankelijke bijdrage die bij wijze van inhouding wordt geheven geldt de techniek van het voortschrijdend cumulatief rekenen. Bij samenloop van heffing bij wijze van inhouding en heffing bij wijze van aanslag gelden bijzondere regels.
Wat vind je in de Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 43
In aant. 1.2 wordt het ontstaan van artikel 43 van de Zvw behandeld. Het literatuuroverzicht is opgenomen in aant. 1.3. Aant. 1.4 gaat in op doel en strekking van deze bepaling. De context van artikel 43 is opgenomen in aant. 1.6. Tot slot is een begrip dat elders is gedefinieerd opgenomen in aant. 1.17. Zie aant. 1.
2. Wie is een inkomensafhankelijke bijdrage Zvw verschuldigd?
De verzekeringsplichtige is een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd over het in een kalenderjaar genoten bijdrage-inkomen. Over loon uit tegenwoordige dienstbetrekking is doorgaans de inhoudingsplichtige de werkgeversheffing verschuldigd. Over ander loon is de verzekeringsplichtige zelf deze inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd. Zie aant. 2.
3, Waaruit bestaat het bijdrage-inkomen?
Het bijdrage-inkomen voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw is de som van een viertal inkomensbestanddelen: loon, belastbare winst uit onderneming, belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden en belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen. Deze opsomming is opgenomen in artikel 43, tweede lid, van de Zvw. Over loon uit tegenwoordige dienstbetrekking is doorgaans de inhoudingsplichtige de werkgeversheffing verschuldigd. Over ander loon is de verzekeringsplichtige zelf deze inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd. Zie aant. 3.
4. Wat is de maximaal verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage?
Bij de heffing wordt rekening gehouden met een minimum en maximum bijdrage-inkomen. Het bijdrage-inkomen is ten minste nihil. Het maximum bijdrage-inkomen wordt jaarlijks vastgesteld. Het maximum bijdrage-inkomen is opgenomen in artikel 5.3 van de Regeling Zorgverzekering. Zie aant. 4.
5. Welke methodiek geldt voor de inhouding van de inkomensafhankelijke bijdrage als de verzekeringsplichtige loon geniet?
Als de verzekeringsplichtige de inkomensafhankelijke bijdrage over het loon zelf is verschuldigd, vindt inhouding door de inhoudingsplichtige plaats. De in te houden bijdrage vindt plaats via de methode van voortschrijdend cumulatief rekenen. Hiervoor geldt dezelfde methodiek als bij de werkgeversheffing. Zie aant. 5.
6. Hoe berekent men de verschuldigde inkomensafhankelijk bijdrage bij samenloop van loon en andere inkomstenbestanddelen?
De gescheiden heffing betekent dat inkomensbestanddelen die in de inhoudingssfeer zijn meegenomen en inkomensbestanddelen die in de aanslagsfeer opkomen, niet met elkaar verrekend kunnen worden. In het vijfde lid wordt de samenloop van heffing bij de inhoudingsplichtige, heffing bij de verzekeringsplichtige bij wijze van inhouding en de heffing via aanslag geregeld. Het (maximum) bijdrage-inkomen dat als basis dient voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage op aanslag wordt verminderd met het loon waarover door één of meer inhoudingsplichtige(n) de inkomensafhankelijke bijdrage is verschuldigd (de werkgeversheffing) en het loon waarover de verzekeringsplichtige de inkomensafhankelijke bijdrage is verschuldigd, maar waarvan de inhoudingsplichtige deze reeds heeft ingehouden en afgedragen. Zie aant. 6.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 43 Zvw, aant. 1.1
Aant. 1.1 Inleiding
Actueel t/m 01-04-2026
01-04-2026, het commentaar is bijgewerkt t/m BNB 2026/51 en V-N 2026/14.24.9.
01-01-2013 tot: -
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 43 Zvw, aant. 1.1
Sociale zekerheid ziektekosten / Zorgverzekering
Zorgverzekeringswet (ZVW)
inkomensafhankelijke bijdrage
verzekerde
Zorgverzekeringswet artikel 43
Beschouwing
Inleiding
Artikel 43 van de Zorgverzekeringswet (Zvw) regelt de door een verzekeringsplichtige verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage. De heffing vindt plaats over het in een kalenderjaar genoten bijdrage-inkomen. Bij de heffing wordt rekening gehouden met een minimum en maximum bijdrage-inkomen. De heffing van inkomensafhankelijke bijdrage over loon vindt plaats via inhouding op het loon. De heffing over de overige bestanddelen van het bijdrage-inkomen vindt plaats op aanslag. Voor de inkomensafhankelijke bijdrage die bij wijze van inhouding wordt geheven geldt de techniek van het voortschrijdend cumulatief rekenen. Bij samenloop van heffing bij wijze van inhouding en heffing bij wijze van aanslag gelden bijzondere regels.
Wat vind je in de Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 43
In aant. 1.2 wordt het ontstaan van artikel 43 van de Zvw behandeld. Het literatuuroverzicht is opgenomen in aant. 1.3. Aant. 1.4 gaat in op doel en strekking van deze bepaling. De context van artikel 43 is opgenomen in aant. 1.6. Tot slot is een begrip dat elders is gedefinieerd opgenomen in aant. 1.17. Zie aant. 1.
2. Wie is een inkomensafhankelijke bijdrage Zvw verschuldigd?
De verzekeringsplichtige is een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd over het in een kalenderjaar genoten bijdrage-inkomen. Over loon uit tegenwoordige dienstbetrekking is doorgaans de inhoudingsplichtige de werkgeversheffing verschuldigd. Over ander loon is de verzekeringsplichtige zelf deze inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd. Zie aant. 2.
3, Waaruit bestaat het bijdrage-inkomen?
Het bijdrage-inkomen voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw is de som van een viertal inkomensbestanddelen: loon, belastbare winst uit onderneming, belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden en belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen. Deze opsomming is opgenomen in artikel 43, tweede lid, van de Zvw. Over loon uit tegenwoordige dienstbetrekking is doorgaans de inhoudingsplichtige de werkgeversheffing verschuldigd. Over ander loon is de verzekeringsplichtige zelf deze inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd. Zie aant. 3.
4. Wat is de maximaal verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage?
Bij de heffing wordt rekening gehouden met een minimum en maximum bijdrage-inkomen. Het bijdrage-inkomen is ten minste nihil. Het maximum bijdrage-inkomen wordt jaarlijks vastgesteld. Het maximum bijdrage-inkomen is opgenomen in artikel 5.3 van de Regeling Zorgverzekering. Zie aant. 4.
5. Welke methodiek geldt voor de inhouding van de inkomensafhankelijke bijdrage als de verzekeringsplichtige loon geniet?
Als de verzekeringsplichtige de inkomensafhankelijke bijdrage over het loon zelf is verschuldigd, vindt inhouding door de inhoudingsplichtige plaats. De in te houden bijdrage vindt plaats via de methode van voortschrijdend cumulatief rekenen. Hiervoor geldt dezelfde methodiek als bij de werkgeversheffing. Zie aant. 5.
6. Hoe berekent men de verschuldigde inkomensafhankelijk bijdrage bij samenloop van loon en andere inkomstenbestanddelen?
De gescheiden heffing betekent dat inkomensbestanddelen die in de inhoudingssfeer zijn meegenomen en inkomensbestanddelen die in de aanslagsfeer opkomen, niet met elkaar verrekend kunnen worden. In het vijfde lid wordt de samenloop van heffing bij de inhoudingsplichtige, heffing bij de verzekeringsplichtige bij wijze van inhouding en de heffing via aanslag geregeld. Het (maximum) bijdrage-inkomen dat als basis dient voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage op aanslag wordt verminderd met het loon waarover door één of meer inhoudingsplichtige(n) de inkomensafhankelijke bijdrage is verschuldigd (de werkgeversheffing) en het loon waarover de verzekeringsplichtige de inkomensafhankelijke bijdrage is verschuldigd, maar waarvan de inhoudingsplichtige deze reeds heeft ingehouden en afgedragen. Zie aant. 6.