NJB 2025/1115
Verzoek tot regeling van rechtsgebied, art. 77 Wet RO jo. art. 526 lid 1 Sv: art. 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv strekt ertoe tegenstrijdige uitspraken en dubbele bestraffing van de verdachte te voorkomen. Deze bepaling moet worden bezien in het licht van art. 68 Sr. Aan het begrip ‘dezelfde zaak’ in art. 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv komt dezelfde betekenis toe als aan ‘hetzelfde feit’ in art. 68 Sr. Bij de beoordeling of sprake is van ‘hetzelfde feit’, moet de rechter in de situatie waarop artikel 68 Sr ziet de in beide tenlasteleggingen omschreven verwijten vergelijken. De Hoge Raad zet uiteen welke gegevens daarbij als relevante vergelijkingsfactoren moeten worden betrokken. Vuistregel is dat een aanzienlijk verschil in de juridische aard van de feiten en/of in de gedragingen tot de slotsom kan leiden dat geen sprake is van ‘hetzelfde feit’ in de zin van art. 68 Sr. In casu kan niet worden gesproken van ‘dezelfde zaak’ in de zin van art. 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv. Relevant daarvoor zijn (al dan niet: gedeeltelijke) verschillen wat betreft de pleegperiodes, de hoeveelheden cocaïne, de specifieke gedragingen van de verzoeker en zijn medeverdachten ten aanzien van die cocaïne en de pleegplaatsen. Verder telt dat de betreffende organisaties worden gevormd door (naast de verzoeker) telkens verschillende deelnemers. Hieruit volgt dat zich niet de in artikel 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv bedoelde situatie voordoet dat twee rechters zich dezelfde zaak gelijktijdig hebben aangetrokken. Dat wordt niet anders door de omstandigheid dat in beide zaken dezelfde processen-verbaal van bevindingen over de identificatie van de gebruiker van drie accounts van Sky ECC bij de processtukken zijn gevoegd.
HR 20-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:772
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 mei 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, C. Caminada, T. Kooijmans
- Zaaknummer
25/00920 B
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:772, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:486, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑02‑2025
- Wetingang
Essentie
Verzoek tot regeling van rechtsgebied, art. 77 Wet RO jo. art. 526 lid 1 Sv: art. 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv strekt ertoe tegenstrijdige uitspraken en dubbele bestraffing van de verdachte te voorkomen. Deze bepaling moet worden bezien in het licht van art. 68 Sr. Aan het begrip ‘dezelfde zaak’ in art. 525 lid 1, aanhef en onder 1°, Sv komt dezelfde betekenis toe als aan ‘hetzelfde feit’ in art. 68 Sr. Bij de beoordeling of sprake is van ‘hetzelfde feit’, moet de rechter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.