V-N 2014/10.4
Surinaamse met afgeleid verblijfsrecht mag niet van kring der verzekerden worden uitgesloten
HR 14-02-2014, ECLI:NL:HR:2014:277, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 februari 2014
- Magistraten
Feteris, Schaap, Van Loon, Fierstra, Groeneveld
- Zaaknummer
13/00409
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- JCDI
JCDI:ADS182203:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Premieheffing / Algemeen
Europees belastingrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:277, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑02‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2014
ECLI:NL:PHR:2013:829, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑08‑2013
- Wetingang
Samenvatting
X heeft de Surinaamse nationaliteit en woont, samen met haar minderjarige zoon A, in Nederland. A heeft de Nederlandse nationaliteit. De SVB wijst het verzoek van X om kinderbijslag af, omdat zij geen kwalificerende verblijfstitel bezit. De Centrale Raad van Beroep verklaart het beroep van X op het EU-recht gegrond en draagt de SVB op om te onderzoeken ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.