JWB 2007/43
Internationaal privaatrecht, rechtsmacht, kort geding, bankgarantie, voorlopige maatregel
HR 09-02-2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ3534
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
9 februari 2007
- Zaaknummer
C05/327HR
- LJN
AZ3534
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3534, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑02‑2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ3534, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 09‑02‑2007
- Wetingang
Essentie
Internationaal privaatrecht, rechtsmacht, kort geding, bankgarantie, voorlopige maatregel
Samenvatting
Casus
Bij zijn arrest van 6 februari 2004 (J@ 2004-46) heeft de Hoge Raad het arrest van het hof vernietigd en het geding naar een ander hof ter verdere behandeling en beslissing verwezen. Dit hof heeft na de verwijzing de eiseres tot cassatie niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de verweerster in cassatie en het vonnis van de president van de rechtbank bekrachtigd.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep.
Rechtsvraag
In cassatie komt de rechtsmacht van de Nederlandse rechter in kort geding aan de orde. In het bijzonder ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.