Inhoudsopgave
TPWS 2017/28:Art. 188 Sr: het doen van een valse aangifte of klacht
TPWS 2017/28
Art. 188 Sr: het doen van een valse aangifte of klacht
Documentgegevens:
A. Kesteloo, datum 22-06-2017
- Datum
22-06-2017
- Auteur
A. Kesteloo1
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS821071:1
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Wetingang
Art. 188 Sr: het doen van een valse aangifte of klacht2, art. 268 Sr
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
1. Inleiding
Een bekend spreekwoord zegt: ‘Onbekend maakt onbemind’. Een afkeer hebben van het onbekende komt niet alleen voor in het dagelijks leven, maar ook bij de toepassing van minder bekende of gebruikte bepalingen uit het Wetboek van Strafrecht. Eén van die minder bekende bepalingen is art. 188 Sr. Dit artikel stelt sinds 1886 strafbaar het doen van een aangifte of klacht dat een strafbaar feit is gepleegd, wetende dat het niet gepleegd is. In deze bijdrage wordt art. 188 Sr eerst in historisch perspectief neergezet, waarbij gebruik is gemaakt van het proefschrift van G.J. IJssel de Schepper ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.