NJB 2023/2356
De staatssecretaris kan een eerder besluit waarin geen land van terugkeer is genoemd op een later moment aanvullen met een aanvullend terugkeerbesluit waarin wel een land van terugkeer wordt genoemd. Daarvoor is niet nodig dat in het eerdere besluit al indicaties zijn verwerkt over het land van terugkeer. Een heel nieuw besluit, met daarin een nieuwe vaststelling dat het verblijf onrechtmatig is en een terugkeerverplichting wordt opgelegd, is niet nodig.
ABRvS 25-09-2023, ECLI:NL:RVS:2023:3564
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
25 september 2023
- Magistraten
Mrs. Steendijk, Verburg, Lange
- Zaaknummer
202106287/1/V3
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2023:3564, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 25‑09‑2023
- Wetingang
(art. 62 Vw 2000)
Essentie
De staatssecretaris kan een eerder besluit waarin geen land van terugkeer is genoemd op een later moment aanvullen met een aanvullend terugkeerbesluit waarin wel een land van terugkeer wordt genoemd. Daarvoor is niet nodig dat in het eerdere besluit al indicaties zijn verwerkt over het land van terugkeer. Een heel nieuw besluit, met daarin een nieuwe vaststelling dat het verblijf onrechtmatig is en een terugkeerverplichting wordt opgelegd, is niet nodig.
Partij(en)
Uitspraak op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellant, tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 8 september 2021 in zaak nr. NL21.10878 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.