RSV 2015/241
Dwangsom — onredelijk laat — ingebrekestelling
CRvB 28-07-2015, ECLI:NL:CRVB:2015:2642
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
28 juli 2015
- Magistraten
Mrs. van der Ham, Schut en Zimmerman
- Zaaknummer
14/3444 WWB
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2015:2642, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 28‑07‑2015
- Wetingang
Art. 4:17 lid 1, 7:10 lid 1, 7:13 Awb
Essentie
Dwangsom — onredelijk laat — ingebrekestelling
Samenvatting
Tussen de datum waarop de termijn voor het beslissen op het bezwaar afliep en het moment waarop het bestuursorgaan in gebreke is gesteld, ligt ruim vier en een halve maand. Dat is aanzienlijk langer dan de in de wetsgeschiedenis genoemde tijdsverloop van ‘hooguit enkele weken’. Niet is gebleken dat betrokkene na het verstrijken van de beslistermijn over het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar in contact is getreden met het college. Dat had in de gegeven omstandigheden wel op zijn weg gelegen. Het bestuursorgaan heeft terecht beslist dat hij geen dwangsom ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.