Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/259:259 De pandhouder blijft separatist
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/259
259 De pandhouder blijft separatist
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 01-10-2007
- Datum
01-10-2007
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:ADS247239:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie art. 63b Fw en ook HR 17 februari 1995, NJ 1996, 471 m.nt. WMK (Mulder q.q./CLBN). Zie ook par. 9.2 hiervóór.
Art. 3:229 BW. Zie hierover hierna hoofdstuk 11.
In dezelfde zin Molkenboer en Verdaas 2002, p. 209 en Vermunt 2006, p. 177-178.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De faillietverklaring van de pandgever laat de separatistpositie van de pandhouder onaangetast, behoudens wettelijke uitzonderingen.1 Tot de rechten die de pandhouder als separatist heeft en die door de faillietverklaring niet worden aangetast, behoren niet alleen de rechten van parate executie en verhaal met voorrang, maar ook andere rechten die hem als pandhouder toekomen.
Voorbeelden van rechten van separatisten die door de faillietverklaring van de zekerheidsgever niet worden aangetast, zijn het recht om mededeling van een stil pandrecht aan de debiteur van een verpande vordering te doen,2 het recht op substitutie van een pand- of hypotheekrecht door een pandrecht op een vordering tot vergoeding van het onderpand,3 alsmede het recht op afgifte van verpande roerende zaken.4
Zoals gezegd zijn er wettelijke uitzonderingen op het beginsel dat de faillietverklaring van de pandgever de rechten van de pandhouder onaangetast laat. Voorbeelden van deze uitzonderingen zijn enkele gevolgen van de afkoelingsperiode, zoals de opschorting van het recht op afgifte van verpande roerende zaken en, in geval van een pandrecht op vorderingen, van de bevoegdheid van de pandhouder om zich te voldoen uit het door hem geïnde.5 Een ander voorbeeld is de bevoegdheid van de curator om aan de pandhouder, op straffe van verval van zijn separatistpositie, een redelijke termijn te stellen om tot uitoefening van zijn rechten over te gaan.6
In de vorige paragraaf werd geconcludeerd dat het recht op informatie van de pandhouder jegens de pandgever één van de rechten is die hem als pandhouder toekomen. Consequentie van deze opvatting is dat de pandhouder dit recht als separatist ook jegens de curator van de pandgever geldend kan maken, nu de wet aan de uitoefening van dit recht geen beperkingen stelt.7 Ook een eventuele afkoelingsperiode beperkt het recht van de pandhouder op informatie niet, nu een afkoelingsperiode de bevoegdheid tot mededeling van een stil pandrecht door de pandhouder aan de debiteur en inning van een verpande vordering door de openbaar pandhouder onverlet laat.8