Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/6.10.4:6.10.4 Conclusie
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/6.10.4
6.10.4 Conclusie
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS587107:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
410. Is een dwangsomveroordeling al verkregen, dan gaat deze als nevenrecht met de hoofdvordering op de stille cessionaris over en ontstaan de vorderingen daaruit in het vermogen van de stille cessionaris. Uit de lastgevingsovereenkomst zal moeten volgen of de stille cedent ook bevoegd is tot inning daarvan. Tenzij anders is bepaald, moet worden aangenomen dat dit het geval is. Als de stille cessionaris overgaat tot inning van deze vorderingen, dient dit als mededeling in de zin van art. 3:94 lid 3 BW te worden beschouwd. Reeds bestaande dwangsomvorderingen die zijn ontstaan voor de stille cessie, blijven in het vermogen van de stille cedent achter, tenzij zij afzonderlijk stil worden gecedeerd.
Is op het moment van de stille cessie nog geen dwangsomveroordeling verkregen, dan is de stille cedent als inningsbevoegde derde en als formele procespartij bevoegd om een dwangsomveroordeling te vorderen. De stille cessionaris is als materiële procespartij de partij bij de dwangsomveroordeling en aan hem komen uit hoofde van de dwangsomveroordeling de dwangsomvorderingen toe.