Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW
Einde inhoudsopgave
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/4.6.3:4.6.3 Hoofdelijkheid in de Nederlandse groepsvrijstellingsregeling van artikel 2:403 BW
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/4.6.3
4.6.3 Hoofdelijkheid in de Nederlandse groepsvrijstellingsregeling van artikel 2:403 BW
Documentgegevens:
mr. dr. J. van der Kraan, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
mr. dr. J. van der Kraan
- JCDI
JCDI:ADS648940:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over hoofdelijkheid Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I*, nr. 99 e.v.
Zie artikel 6:6 BW e.v.
Zie voor een uitgebreide beschouwing over subsidiariteit Hammerstein & Vranken 2003.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 2:403 lid 1 sub f BW vereist dat de rechtspersoon die de geconsolideerde jaarrekening opstelt zich hoofdelijk aansprakelijk verklaart voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van de vrij te stellen rechtspersoon. Hoofdelijkheid is als juridisch begrip gekwalificeerd in artikel 6:7 BW.1 De hoofdelijke aansprakelijkheid die middels een 403-verklaring wordt aangegaan, wordt beheerst door de reguliere regels van de rechtsfiguur hoofdelijkheid zoals geregeld in het Burgerlijk Wetboek.2 De meest in het oog springende kenmerken van hoofdelijkheid zijn dat elke schuldenaar is verbonden voor het geheel en dat subsidiariteit ontbreekt.3