25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/56.4.1:56.4.1 Afgeleid belang
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/56.4.1
56.4.1 Afgeleid belang
Documentgegevens:
mr. J.R. van Angeren, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.R. van Angeren
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
ABRvS 17 mei 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AX2089, JB 2006/211 (Stichting B.E.K.A.).
ABRvS 5 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2643, JB 2016/209.
ABRvS 15 november 2017, ECLI:RVS:2017:3151, JB 2018/5.
ABRvS 25 oktober 2017, ECLI:RVS:2017:2863.
ABRvS 21 november 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BB8396, AB 2008/9, m.nt. B.W.N. de Waard.
ABRvS 21 augustus 2013, ECLI:NL:RVS:2013:847, AB 2013/315.
ABRvS 19 september 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX7724, AB 2013/265, m.nt. T. de Jong en Y.E. Schuurmans.
ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4695.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bestuursrechter acht het criterium ook te streng als degene die een contractuele verhouding heeft met de geadresseerde in een eigen belang wordt getroffen. Dat is bijvoorbeeld bij subsidiezaken het geval als degene tot wie het subsidiebesluit is gericht, die subsidie doorgeleidt naar een derde.1 Die derde wordt dan in een eigen belang getroffen. Hetzelfde geldt voor hypotheekhouders die worden geraakt in een zakelijk recht en er een reële mogelijkheid bestaat dat zij door het voorliggende besluit in hun aan dat recht ontleende belangen geschaad zullen worden en aldus belanghebbenden zijn.2 Mogelijk geldt hetzelfde voor degenen die een garantieovereenkomst hebben met degene tot wie het besluit is gericht, of een overeenkomst van borgtocht. Zij worden ook geraakt in hun rechten als een besluit, gericht tot hun contractspartner, voor die garantie of borgtocht nadelig is. Een partij die uitsluitend een overeenkomst heeft met degene die wel belanghebbende is, waardoor die partij wel in een financieel belang wordt getroffen, maakt die partij nog geen belanghebbende.3 Het onderscheid dat degene die een zakelijk recht vestigt wel belanghebbende is, maar degene die door middel van een overeenkomst in een financieel belang wordt getroffen, niet, is eigenlijk niet goed verklaarbaar. Een rechtvaardiging ervoor is ook niet makkelijk te vinden. Eigenaren hebben in elk geval altijd toegang tot de bestuursrechter als voor hun eigendom een vergunning wordt aangevraagd.4
Als laatste categorie waarbij het aannemen van een afgeleid belang te streng wordt geacht, is indien degene tot wie het besluit niet is gericht, wel als gevolg van het besluit wordt geraakt in een fundamenteel recht, bijvoorbeeld de vrijheid van meningsuiting,5 het fundamentele recht op arbeid6 of het fundamentele recht op leven, werk of woning.7 Niet als fundamenteel recht voor kinderen is aangemerkt het recht om een onderwijsrichting te kiezen, als bedoeld in artikel 2 van het Eerste Protocol bij het EVRM.8
Ook bij dit criterium blijkt dus dat het voor de advocaat lang niet altijd duidelijk is wanneer wel en wanneer geen afgeleid belang wordt aangenomen.