V-N 2025/57.14
Verwijzing in boetezaak voor beoordeling of belastingplichtige tijdig alle benodigde informatie aan adviseur heeft verstrekt
HR 19-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1961, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 december 2025
- Magistraten
Van Hilten, Punt, Fierstra, Faase, Peters
- Zaaknummer
23/04352
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD39446:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Facturering en administratie
Fiscaal procesrecht / Bewijs
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1961, Uitspraak, Hoge Raad, 19‑12‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑12‑2025
- Wetingang
art. 67f AWR
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de essentiële stelling van inspecteur over het door de DGA niet-tijdig aanleveren van stukken aan de intermediair ten onrechte niet heeft behandeld.
Samenvatting
Belanghebbende is een fiscale eenheid voor de BTW, bestaande uit drie BV’s die een groothandel in chemische grondstoffen exploiteren. De DGA van deze BV’s stelt de facturen zelf op, maar de BTW-aangiften worden ingediend door een ter zake kundige adviseur. In de aangiften over de tijdvakken van het jaar 2014 heeft belanghebbende, afgezien van het tijdvak december 2014, geen BTW als verschuldigd opgegeven. De aangiften over de maanden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.