Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/15.3.6
15.3.6 Commuun internationaal privaatrecht
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS413192:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Deze regelingen zijn gedeeltelijk ter zijde reeds aan de orde geweest in par. 13.3 en worden verder besproken in par. 15.5.
Voor invoering van de 1PR Codex was de bescherming van consumenten geregeld in art. 624 GW. Deze bepaling stond een forumkeuze in consumentenovereenkomsten toe voor zover een rechter is aangewezen die volgens de algemene wettelijke relatieve bevoegdheidsregels competent is, zie Joustra, WPNR. (6121) 1993, p. 62.
H. Boularbah e.a., Le nouveau droit international privé belge, JT 2005, nr. 6173, p. 173-203, par. 35.
Rigaux, Dip, Deel 11, p. 571, nr. 1349.
Polak 2005, (T&C Rv), art. 8, aant. 5.
Voor de definitie van consument heeft de wetgever aansluiting gezocht bij de art. 6:236-237 BW en art. 7:5 BW, zie Polak 2005, (T&C Rv), art. 6, aant. 7.
MvT Wetsvoorstel 28 863, nr. 3, p. 5.
MvT 26 855, nr. 3, p. 36.
Par. 15.5.2 en 15.5.3.
Polak 2005 (T&C Rv), art. 6, aant. 7 (Wetsvoorstel 28863).
MvT Wetsvoorstel 28 863, nr. 3, p. 5.
De omvang van de regelingen in het commune internationaal privaatrecht ter bescherming van de consument staat in schril contrast tot de afwezigheid van regelingen over de bevoegdheid betreffende verzekeringsovereenkomsten. Het Belgische en Nederlandse commune internationaal privaatrecht hebben bijzondere regelingen voor de internationale bevoegdheid inzake consumentenovereenkomsten.1
Art. 97 W1PR2 geeft voor consumentenovereenkomsten een bescherming als art. 17 sub 1 EEX-V°/15 sub 1 Verdrag en staat in het derde lid slechts forumkeuzen ten nadele van de consument toe voor zover die na het ontstaan van het geschil zijn gesloten. De gewone regels van internationale bevoegdheid mogen derhalve in het Belgische recht in een internationale situatie in principe niet worden doorbroken, behoudens door een forumkeuze achteraf of een stilzwijgende forumkeuze. In de art. 6 en 7 WIPR komt dat tot uitdrukking door de zinsnede dat partijen slechts een forumkeuze kunnen sluiten, indien zij vrij over hun rechten kunnen beschikken.3
Door de woorden in art. 97 lid 3 WIPR 'ten aanzien van de (.) consument' maakt de bepaling duidelijk dat het derde lid de bevoegdheid van de Belgische rechter krachtens art. 97 lid 1 WIPR onverlet laat. In interne situaties staat art. 624 GW jo art. 32 lid 20 Wet op de Handelspraktijken en de Voorlichting en de Bescherming van de Consument van 14 juli 1991 in de weg aan een forumkeuze, aangezien de laatste bepaling iedere afwijking van de bevoegdheid van art. 624 GW verbiedt. Eenzelfde bepaling bevat de Wet op het Consumentenkrediet van 12 juni 1991 die de woonplaats van de consument als exclusief forum aanwijst.4
Het Nederlandse (internationaal privaat)recht staat in een internationale situatie aan een forumkeuze in een consumentenovereenkomst in de weg, indien een forumkeuze aan de rechtsmacht van de Nederlandse rechter krachtens art. 6 aanhef en sub d Rv derogeert. Dit verbod tot derogatie aan de Nederlandse rechtsmacht volgt uit art. 8 lid 3 Rv, welke bepaling is ontleend aan art. 17 EEX-V°/15 Verdrag.5 Art. 6 aanhef en sub d Rv stelt enige voorwaarden voor rechtsmacht van de Nederlandse rechter in consumentenovereenkomsten en het verbod van art. 8 lid 3 sub b Rv geldt slechts voor zover art. 6 aanhef en sub d Rv van toepassing is. De consument6 moet krachtens art. 6 aanhef en sub d Rv zijn woon- of gewone verblijfplaats in Nederland hebben en zijn wederpartij dient bedrijfs- of beroepsmatig te handelen. Het is niet noodzakelijk dat de consument de voor de sluiting van de overeenkomst noodzakelijke handelingen in Nederland heeft verricht.7 Deze voorwaarde, die voorkomt in art. 13 lid 1 sub 3 Verdrag, komt niet meer voor in art. 15 lid 1 sub 3 EEX-V° en art. 6 aanhef en sub d Rv stemt hiermee overeen.8In een internationale situatie heeft een forumkeuze naar Nederlands recht dus onbeperkt rechtsgevolg, indien de consument geen woon-of vaste verblijfplaats in Nederland heeft of hij heeft gehandeld met een niet bedrijfsof beroepsmatig handelende wederpartij. Evenmin vereist art. 6 aanhef en sub d Rv een voorafgaand bijzonder voorstel of publiciteit, anders dan art. 13 lid 1 sub 3 Verdrag.9 Nu art. 6 aanhef en sub d Rv deze voorwaarde niet stelt, is ook zonder een bijzonder aanbod of publiciteit een forumkeuze die derogeert aan de rechtsmacht van de Nederlandse rechter niet mogelijk in een geval dat overigens onder art. 6 aanhef en sub c Rv valt.10Art. 8 lid 4 Rv relativeert het verbod tot forumkeuze echter door forumkeuze wel toe te laten in de situaties waarin art. 17 sub 1 en 2 EEX-V°/15 sub 1 en 2 Verdrag een forumkeuze rechtsgeldig achten. Het gaat kort gezegd om de forumkeuze achteraf en de eenzijdige forumkeuze ten gunste van de consument.11
Opvallend is dat art. 17 sub 3 EEX-V°/15 sub 3 Verdrag niet in art. 8 lid 4 Rv is overgenomen. Een forumkeuze in een internationaal geval voor de Nederlandse rechter is derhalve niet mogelijk, indien consument en zijn wederpartij beide in Nederland woonplaats hebben.
Art. 6 aanhef en sub d Rv stelt naar analogie met art. 15 lid 1 sub 3 EEX-V° een derde voorwaarde, te weten dat de wederpartij van de consument in Nederland commerciële of beroepsactiviteiten ontplooit of dergelijke activiteiten met ongeacht welke middelen richt op Nederland en de consumentenovereenkomst onder die activiteiten valt. De wetgever heeft met deze bepaling de wijziging in art. 15 lid 1 aanhef en sub c EEX-V° ten opzichte van art. 13 Verdrag overgenomen en het toepassingsbereik uitgebreid.12 Met name e-commerce activiteiten vallen thans onder de bepaling.13
Voorts is op grond van art. 9 Rv een stilzwijgende forumkeuze voor de Nederlandse rechter toelaatbaar. Voor een interne situatie bepaalt art. 108 jo 101 Rv dat afwijking van de bepalingen van relatieve bevoegdheid niet is toegestaan voor vorderingen op grond van consumentenovereenkomsten. Een forumkeuze in een consumentenovereenkomst na het ontstaan van het geschil is daarentegen naar Nederlands recht toegestaan krachtens art. 108 lid 2 Rv. Ook mag de consument van de forumkeuze gebruik maken om een vordering tegen de wederpartij in te stellen voor de aangewezen rechter.
Tot slot wijs ik op de bescherming van de consument tegen belastende forumkeuzen in algemene voorwaarden door Richtlijn 93/13/EEG, hiervoor behandeld in par. 15.3.4. Art. 3 Richtlijn 93/13/EEG kan ook van toepassing zijn tezamen met het commune internationaal privaatrecht (dus buiten het toepassingsbereik van Afdeling 4 EEX-V°Nerdrag).